Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Bekrachtigingdoor het hoofdbestuur van den heer VAN EYK tot assistent-groepsbenoemmg bestuurder. Mag ik vragen of allen zich met deze benoeming, die een van eyk tot tijdelijk karakter had, kunnen vereenigingerr? (Applaus).

assistent- afaevaardiqde van de afdeelinq 's-Hertogenbosch en O.,

groepsbe- °

stuurder C.O.de heer s. Diamant;

Mijnheer de voorzitter! Mag ik even het volgende vragen? De kwestie is, dat nu één motie is aangenomen om het bindend besluit eenigszins te wijzigen, daarnaast nog een motie ligt van de afdeeling 's-Hertogenbosch en O. óók over een wijziging van het algemeen bindend besluit. Zou het niet geraden zijn die motie hierbij nu ook te behandelen?

De voorzitter:

Wij kunnen die motie natuurlijk nu wel in discussie nemen, maar wij kunnen dat veel doeltreffender later doen, wanneer het huishoudelijk reglement in behandeling komt, want anders komen wij zeker niet klaar. Ik geef in overweging ons daarmede op het oogenniet verder te storen.

De afgevaardigde van de afdeeling Rotterdam en O., de heer B. C. Van der Nagel:

Mijnheer de voorzitter! Mag ik vragen: De heer VAN EYK is benoemd tot assistent groepsbestuurder. Benoemt u hem daar weer toe ?

De voorzitter:

Natuurlijk!

De afgevaardigde van de afdeeling Rotterdam en O., de heer B. C. Van der Nagel:

Dan wil ik voorstellen dat niet te doen. Ik heb met genoegen gezien wat een ontzaggelijk werk er verricht wordt bij den heer VAN BRUGGEN. Dan zitten wij thuis en rooken een sigaartje en wanneer wij zien dat de heer VAN BRUGGEN het niet af kan, komt het dan wel te pas dat wij, collegae, rustig blijven zitten en toezien? Wanneer dat noodig is, moeten wij er niet tegen op zien een groepsbestuurder te benoemen en moeten wij daar geen „assistent voor zetten. Ik wil voorstellen den heer VAN EYK, net zoo goed als de andere heeren, te benoemen tot groepsbestuurder.

De voorzitter:

W^ij zijn het zeker allen met de strekking van de woorden van den heer VAN DER NAGEL eens, maar er zijn op het oogenblik wel een beetje formeele bezwaren om het door te voeren. Zouden de heeren er genoegen mee kunnen nemen, dat wij het voorbereiden ? De heer VAN EYK zal er wel mede tevreden zijn.

De secretaris-penningmeester van het bestuur der centrale organisatie, de heer A. C. van Bruggen:

Mijnheer de voorzitter! Maar mag ik dan op het oogenblik den

Sluiten