Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

nadruk leggen op het belangrijke verschil in salaris? De heer VAN EYK doet het zelfde werk als een groepsbestuurder, maar geniet een veel lager traktement.

De voorzitter:

Ik zou den heer VAN BRUGGEN in overweging willen geven het reglement af te wachten. Wij kunnen niet zoo overijld besluiten nemen. Mag ik nu de bekrachtiging van de daad van het hoofdbestuur als aangenomen beschouwen? Zoo ja, dan stel ik aan de orde: Punt VI punt VI der agenda en wel het voorstel van de afdeeling Frieslands

Zuidwesthoek, luidende: Frieslands

Zuidwest-

De algemeene vergadering verzoekt het hoofdbestuur maatregelen te nemen, waardoor bevorderd wordt dat de medische studenten in hun laatste studiejaren toetreden als buitengewoon lid der maatschappij.

hoek.

met de volgende toelichting.

Een groot deel onzer jonge artsen gaat zich reeds spoedig vestigen. Niet weinigen onder dezen komen dadelijk, althans kort na hun promotie, te staan voor de vraag : hoe mijn brood te verdienen ?

In de bewogen tijden, die wij wellicht tegemoet gaan, is het meer nog dan vroeger zeer gewenscht dat deze jonge artsen bekend zijn met de voor- en nadeelen van een eventueele vestiging of verbintenis en met de collegiale plichten, waarmede dient rekening te worden gehouden.

Zij, die zich zoo spoedig na het arts-examen vestigen, zijn allicht niet, althans te weinig bekend met dat alles en zullen daardoor een keuze kunnen doen, die op het eerste oog wel voordeelig lijkt, doch die, blijkens de ervaring van ouderen, op den duur voor den jongen collega een bron van ellende zal worden. Heel gemakkelijk zal zulks geschieden, als de broodkwestie in het spel komt. Niet slechts voor den zich vestigenden arts, doch ook voor onze maatschappij, ligt hier een gevaar. Deze toch heeft er behoefte aan dat zooveel mogelijk alle geneesheeren zich trouw houden aan de bindende besluiten ; zal dat gebeuren, dan moeten ook allen overtuigd zijn van het groote belang, verbonden aan een solidair optreden. Die overtuiging moet er reeds wezen vóór het artsexamen. Daarom moet de aanstaande arts reeds deelnemen aan het leven in onze maatschappij. Hij moet op de hoogte gebracht worden van onze verhouding onderling, van die tot de buitenwereld en van de middelen, die ons ten dienste staan om strijd te voorkomen.

Het lidmaatschap onzer maatschappij moet niet beginnen na het verkrijgen van het artsdiploma, maar minstens een jaar te voren.

Volgens art. 5 der statuten kunnen studenten niet als gewone leden worden aangenomen. Wel kunnen zij, als vallende onder art. 7 (anderen, die de bereiking van het doel der maatschappij wenschen te bevorderen) als buitengewone leden toegang krijgen tot onzen kring. De bedoeling van dit voorstel is nu, deze toetreding als buitengewoon lid gemakkelijk te maken en zooveel mogelijk te bevorderen. De afdeeling geeft in overweging die propaganda zich te laten uitstrekken tot hen, die het theoretisch of doctoraal examen

Sluiten