Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

glement. De onderwijzer houdt persoonlijk aanteekening der aan de leerlingen toegekende cijfers en draagt dit niet aan de leerlingen op (1).

TITEL 3.

Van de bepaling van het schoolgeld en van de toelating der leerlingen (2).

Artikel 13 (3).

(1) Zoo spoedig mogelijk na den aanvang van elk schooljaar wordt door den voorzitter der schoolcommissie, met inachtneming van het hij het Schoolreglement (Staatsblad 1908 Il! 312) voorgeschrevene, bepaald de categorie van betaling, volgens welke het schoolgeld verschuldigd is, dan wel of de leerlingen gratis de school kunnen bezoeken ;

een en ander behoudens verlaging of verhooging (casu quo rangschikking in één der categoriën van betaling, voor zoover betreft gratis leerlingen) bij vermindering of vermeerdering van inkomsten, waarnaar de heffing van het schoolgeld plaats vindt.

(2) Ten einde den Voorzitter der schoolcommissie in staat te stellen aan het eerste gedeelte van de vorige alinea gevolg te geven, zendt het hoofd der school binnen 7 dagen na den aanvang van het schooljaar aan belanghebbenden een aangiftebiljet ter invulling, overeenkomstig model Bijlage VI; binnen 14 dagen na dien aanvang zendt hij eene recapitulatie van de ontvangen aangiften, overeenkomstig model Bijlage VII aan den voorzitter voornoemd, die van zijn beslissing ten spoedigste mededeeling doet aan het hoofd der school. Aangiften, die inkomen na het verstrijken van genoemden termijn van 14 dagen, worden op gelijke wijze verhandeld naarmate zij worden ingediend.

(3) Blijkt het hoofd der school uit een ontvangen aangifte, dat daardoor geen wijziging wordt gebracht in de catagorie van betaling, waarin de betrokken leerling was geplaatst vóór den aanvang van het uieuwe schooljaar, dan wel dat de leerling, die voor dien aanvang de school gratis bezocht, ook in het nieuwe schooljaar gratis behoort te worden toegelaten, dan wordt die aangifte niet in de in de vorige alinea bedoelde recapitulatie opgenomen, en wordt ten aanzien van den betrokken leerling de vorige beslissing van den voorzitter aangaande de heffing van schoolgeld geacht te zijn vernieuwd. In geval van twijfel aan de juistheid der aangifte, wordt deze echter wel in de recapitulatie opgenomen.

(*) Aldus luidt deze alinea ingevolge art. 1, § II, van besl. Dir. O. E. N. 8 Februari 1902 n°. 2203 (Bijbi. n°. 5819).

O Aldus luidt dit opschrift ingevolge sub A, § I, van besl. Dir. O. E. N. 5 Maart 1909 n°. 3376 (Bijbl. n°. 7057).

(3) Aldus luidt dit artikel ingevolge sub A, § II, van besl. Dir. O. E' N. 5 Maart 1909 n°. 3376 (B ij b 1. n°. 7057).

Sluiten