Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Het schooljaar begint op den eersten Maandag in Juli en eindigt half Mei van het volgende jaar (1).

Er zijn drie vacantiën, namelijk:

eene ingaande met 24 December en eindigende 2 Januari;

eene ingaande met Goeden Yrijdag en eindigende met den tweeden Paaschdag;

eene van half Mei tot den eersten Maandag in Juli (J).

Artikel 7.

Het onderwijs wordt gegeven in den vooravond gedurende gemiddeld 10 uren per week voor elk studiejaar (2).

Het omvat al de vakken, waarin examen moet worden afgelegd ter verkrijging der akte van bekwaamheid als hoofdonderwijzer of hoofdonderwijzeres.

Het leerplan, het rooster der lessen, de verdeeling daarvan onder de verschillende leeraren en de bij het onderwijs te gebruiken boeken worden door den Directeur van Onderwijs, Eeredienst en Nijverheid op voorstel der vergadering van leeraren vastgesteld.

Voor zoover de aard van eenig leervak dit zonder schade voor het onderwijs toelaat, kan het aan de leerlingen der beide studiejaren tot ééne klasse vereenigd worden onderwezen.

Artikel 8.

Wanneer een leeraar verhinderd is de hem toebedeelde lessen te geven, doet hij daarvan tijdig mededeeling aan den voorzitter van het bstuur, dfe zooveel mogelijk in de lessen voorziet door ze aan andere leeraren op te dragen of ze zelf te geven.

Is zulk eene voorziening niet mogelijk, dan zorgt hij, dat de leerlingen daarvan tijdig kennis krijgen.

Van deze verhinderingen en voorzieningen wordt door den voorzitter aanteekening gehouden.

O Bjj art. 2 van G-ouv. besl. 12 Mei 1900 n°. 1, gewijzigd bij sub & van dat van 1 Augustus 1903 n°. 23, is, met afwijking in zoover van art. 6 van dit Reglement, ten aanzien van de Normaalschool te Soerabaja, voorloopig bij wijze van tijdelijken maatregel, bepaald als volgt:

Het schooljaar begint op den voorlaatsten Maandag in Juni en eindigt half Mei van het volgende jaar.

Er zijn vier vacantiën, namelijk:

één van vier weken tusschen 1 November en 1 December;

één ingaande met 24 December en eindigende 2 Januari;

één ingaande met Goeden Yrijdag en eindigende met den tweeden Paaschdag;

één van half Mei tot het begin van het volgende schooljaar.

(") Aldus luidt deze alinea ingevolge art. 1. § III, van Gouv. besl. 27 Januari 1905 n°. 17 (B ij b 1. n°. 6170).

Sluiten