Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

jongelieden die tot de Europeesche scholen zijn toegelaten ter latere opleiding tot Inlandseh arts en Inlandsch ambtenaar en, indien ze niet voldoen, in overleg met de betrokken Schoolcommissie en het hoofd der school te overwegen, of de toelating al dan niet behoort te worden ingetrokken. Het resultaat daarvan zal nu in het vervolg door den betrokken inspecteerenden ambtenaar rechtstreeks aan TT worden bericht, waarna door U de noodige maatregelen kunnen worden getroffen, ook ten aanzien van de jongelieden die vroeger krachtens een dezerzijdsch besluit zijn toegelaten. Is het noodig de gunst in te trekken, dan zullen ter vervanging van de krachtens de bovenaangehaalde besluiten van 26 Juli 1900 11? 10 en 15 October 1903 ïï° 14 toegelaten leerlingen, door U anderen kunnen worden aangewezen.

V. Circ. Dir. O. E. N. 14 Mei 1906 n°. 8249 (B ij b 1. n°. 6573).

Met terugzicht op de dezerzijdsche circulaire van 3 November 1905 n; 18424 (1), heb ik de eer UHEdG. te verzoeken, de extracten uit Uwe besluiten betreffende de kostelooze toelating van aspirant Inlandsche artsen tot de Europeesche scholen krachtens Bijblad FP 5508 (2), en de wijziging van intrekking dier toelating, voortaan te zenden aan den Directeur der school tot opleiding van Inlandsche artsen instede van zooals alinea 10 dier circulaire aangeeft aan den Baad van Bestuur dier inrichting.

VI. Circ. Dir. O. E. N. 2 December 1908 ü! 17808 aan de Hoofden van gewestelijk bestuur (B ij b 1. Il! 7002).

Ingevolge alinea 4 van de dezerzijdsche circulaire dd. 3 November 1905"ns 18424 (Bijblad n? 6573, II) werden tot dusver de adspirant Inlandsche ambtenaren na de kerstvacantie tot de. openbare Europeesche lagere scholen toegelaten.

Nu het onderwijs aan de Europeesche lagere scholen in jaarklassen wordt gegeven (vide artikel 1, alinea 1, van het Europeesch Schoolreglement in Staatsblad 1908 Il! 312) en de toelating van kinderen, die nog geen onderwijs genoten hebben, in verband hiermede slechts éénmaal 's jaars plaats heeft (vergl. artikel I, § III, van het dezerzijdsch besluit dd. 29 October 1907 ff 20232), zal ook het tijdstip der toelating van adspirant Inlandsche ambtenaren in dier voege gewijzigd moeten worden dat zij niet meer na de kerstvacantie doch — gelijk reeds ten aanzien van de adspirant Inlandsche artsen plaats

heeft bij het begin van den nieuwen cursus in het midden van het

jaar worden toegelaten.

'(') Biz. 242.

(•) „ 240.

Sluiten