Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Maar nu zou iemand hier kunnen zeggen, dat het vreemd is, dat de nakomelingen van Jakob gezegd worden in zijn' persoon te zijn uitverkoren, terwijl zij toch van God zijn afgeweken ; want dan zou in dit geval de verkiezing Gods niet vast en eeuwig zijn ; en wij weten, dat God hen, die Hij verkiest, ook rechtvaardigt, en dat hunne zaligheid zóó verzekerd is, dat niemand van hen kan omkomen ; alle de uitverkorenen zijn ook overgeleverd aan Christus als hun Bewaarder, opdat Hij hen door Zijne Goddelijke kracht, die onverwinbaar is, zal bewaren, gelijk Johannes leert in hoofdstuk X. Watbeteekent dit dan ? Wij weten, gelijk te voren verklaard is, dat de verkiezing Gods ten opzichte van dit volk tweeërlei was; zij was algemeen, en zij was bijzonder. De verkiezing van den Godvruchtigen Jakob was bijzonder, want hij was werkelijk een der kindéren Gods; bijzonder was ook de verkiezing van hen, die door Paulus „kinderen der beloftenis" worden genoemd, (Rom. IX : 8). Er was nog eene algemeene verkiezing; want Hij ontving het gansche zaad in Zijn geloof, en bood allen Zijn verbond aan. Intusschen waren niet allen wedergeboren, zij waren niet allen begiftigd met den Geest der aanneming. Deze algemeene verkiezing had dus niet in allen kracht van uitwerking. Opgelost is dus nu deze quaestie, dat geen der uitverkorenen zal omkomen ; want het geheele volk was niet met deze bijzondere verkiezing uitverkoren; maar God wist, wie Hij uit dat, volk had uitverkoren, en dezen begiftigde Hij, gelijk wij reeds zeiden, met den Geest der aanneming, en voorzag Hij met Zijne eigene genade, opdat zij niet zouden afvallig worden. Anderen waren wel in zekeren zin uitverkoren, dat is : God bood hun het verbond der verlossing aan ; maar door hunne ondankbaarheid hebben zij gemaakt, dat God hen heeft verworpen, en hen niet langer als Zijne kinderen heeft erkend.

Maar de profeet voegt er bij, dat Jakob in zijne kracht macht had hij God, en ook den engel had overmocht. Maar wat waren zij nu voor eene soort van menschen ? Zooals de Heidensche dichters de Romeinen, toen zij ontaard en verwijfd waren geworden, Romulidae noemden, en zeiden, dat zij voortgesproten waren uit de merkwaardige en doorluchtige helden, wier roemrijke daden toen wel bekend waren, en hen ook om dezelfde reden Scipiadae noemden, zoo zegt ook de profeet: „Welaan, gij kinderen van Jakob, wat soort van menschen zijt gij ? Hij was met heldenkracht, ja met engelenkracht begaafd, en zelfs met meer dan engelenkracht, want hij worstelde met God en behaalde de overwinning; maar gij zijt de slaven van afgoden; de duivel houdt u aan zich verknocht; gij zijt, als het ware, in een huis der ontucht, want wat is uw tempel anders dan een bordeel? En dan zijt gij als o verspelers en begaat dagelijks

Sluiten