Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

getuigenis van den profeet niet aanhaalt ter bevestiging van de leer, waarvan hij spreekt. Wat dan P Daar de opstanding des vleesches eene waarheid is, moeielijk om te gelooven, ja^ die gansch en al indruischt tegen het oordeel der natuur, zegt Paulus, dat het geene zaak is om verwonderd over te zijn, daar Christus komen zal om ons op te wekken. Waarom ? Omdat het het bijzonder kroonrecht is van God om het verderf te zijn van den dood en de vernietiging van het graf; alsof hij zeide: //Al zouden de menschen ook duizendmaal ter verrotting overgaan, God zou toch nog de macht behouden, waarvan Hy sprak, toen Hij zeide, dat Hij het verderf zal zijn van den dood en de vernietiging van het graf./' Laat ons dus weten, dat hoewel het oordeel der natuur deze waarheid verwerpt God evenwel de onbegrijpelijke macht bezit, waardoor Hij ons uit den toestand van verrotting op kan wekken ; ja zelfs, daar Hij de wereld uit niets geschapen heeft, zoo zal Hij ons ook opwekken uit het graf; want Hij is de dood van den dood, het graf van het graf, het verderf van het verderf en de verwoesting van de verwoesting; en het eenvoudige doel van Paulus is, om door deze treffende woorden de ongelooflijke macht van God te verheerlijken, welke het menschelijk verstand te boven gaat.

^ Indien nu iemand met hetzelfde doel deze plaats uit de Psalmen zou aanhalen : //Bij den Heere zijn uitkomsten te^en den dood" (Psalm LXVIII : 21,) zou het dan noodig zijn te onderzoeken in welken zin David dit gezegd heeft, of op welken tijd hij spreekt ? Geenszins; maar waarvan gesproken wordt is het onveranderlijke kroonrecht en de macht van God, waarvan Hij niet beroofd kan worden. Zoo zien wij ook wat Hij in deze plaats verklaart door Hoséa, en wat Hij gedaan zou hebben, indien de ondankbaarheid des volks het niet verhinderd had; want Hij zegt: lk zal uw verderf zijn, o graf-, lk zal uw dood zijn, o dood! En daar God dit beloofd heeft, zoo laten wij er ons verzekerd van houden, dat wij het ten laatste in ons zeiven bewaarheid zullen vinden. Nu zien wij hoe de wezenlijke bedoeling van den profeet overeenstemt met het onderwerp, dat door Paulus behandeld werd.

Nu volgt: T ertroosting, of, berouw, is verborgen voor mijne oogen; want Qf-j» heeft beide beteekenissen. Qj-[» beteekent berouw, en het beteekent ook troost ontvangen. Neemt men den term, vertroosting, aan, dan zal de zin wezen : Niemand behoeft er zich over te verwonderen, dat mijne woorden zoo scherp zijn, en ik mij zoo hard en streng uitlaat tegen mijn volk, want vertroosting heeft nu geene plaats onder hen ; daarom is vertroosting voor mijne oogen verborgen." En dit was ook het geval, want de ongeneeslijke boosheid des volks heeft

Sluiten