Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

sprakig op, gelijk enkelen dwaselijk doen, maar in den oorspronkelijken zin. Ook verwonderen verscheidenen zich daarover, dat Mozes eenvoudig en als 't ware kortweg vertelt, dat de mensch op 't aanzetten van Satan in zijn eeuwig verdeif is gevallen, maar zelfs met geen enkel woord aanroert, hoe toch de aanhitser zelf van God is afgevallen.

En hierdoor is 't gekomen, dat dwepers hebben gedroomd, dat Satan slecht en verkeerd, zooals hij hier wordt beschreven, is geschapen. Satans afval nu wordt door andere plaatsen der Schrift bewezen. Maar het is een goddelooze daad, de schepping van eenig kwaad, en van eene bedorvene natuur aan God toe te schrijven ; want toen de wereld voltooid was, heeft Hij zelf aan al Zijne werken het getuigenis gegeven, dat ze

zeer goed waren.

Zonder tegenspraak moet dus worden vastgesteld, dat het beginsel des kwaads, waarmee satan behept is, hem niet van nature eigen is, maar door zijn afval is ontstaan, omdat hij van God, de Bron van alle gerechtigheid en rechtschapenheid, is afgeweken.

Maar zijn val gaat Mozes thans voorbij, omdat hij zich heeft voorgesteld kortelijks het bederf der menschelijke natuur te verhalen, opdat wij zouden weten, dat Adam niet is geschapen tot die veelvuldige ellenden, waaronder alle zijne nakomelingen gebukt gaan, maar door eigen schuld daarin is gevallen. Als de menschen denken aan hoevele en welke kwalen zij onderhevig zijn, kunnen zij zich niet weerhouden van te klagen en te murmureeren tegen God, aan Wien zij ten onrechte de rechtmatige straf voor hunne zonden wijten. Bekend zijn de klachten, dat God barmhartiger heeft gehandeld met zwijnen en honden. Vanwaar komt dit anders, dan dat wij dien ellendigen en verloren toestand, waaronder wij kwijnen, niet, zooals het betaamt, beschouwen als gevolg van Adams zonde ? Maar dit is nog veel erger, dat wij de inwendige gebreken der ziel, als daar zijn : eene verschrikkelijke blindheid, opstand tegen God, verkeerde begeerten, hevige aanhitsingen tot het kwaad, op God werpen ; alsof die geheele verkeerdheid van onzen geest niet een bijkomend iets is. Mozes' doel was dus met weinige woorden samen te vatten, hoeveel onze tegenwoordige toestand verschilt van onze eerste afkomst opdat wij met eene nederige belijdenis onzer schuld ons kwaad zouden leeren betreuren. En daarom is 't niet te verwonderen, dat hij niet alles, wat ieder kan

Sluiten