Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

klaart Hij, dat de straf waarmee Hij de wereld zal straffen rechtvaardig is, wijl er destijds slechts één mensch was die de gerechtigheid diende, om wiens wille Hij een geheel huisgezin genadig was.

Werpt iemand mij tegen, dat uit deze plaats blijkt, dat God in 't behouden van menschen rekening houdt met de werken, de oplossing ligt voor de hand, dat dit niet strijdt tegen de aanneming tot kinderen uit vrije genade, daar Hij de gaven, die Hij aan Zijne dienstknechten toevertrouwde, aanneemt, kerstens moet worden opgemerkt, dat Hij enkel uit genade de menschen bemint, wijl Hij niets in hen vindt, dan wat Zijn haat verdient, daar toch allen worden geboren als kinderen des toorns en erfgenamen der eeuwige vervloeking. Daarom neemt Hij hen aaiT tot kinderen in Christus, en rechtvaardigt hen enkel uit genade. Nadat Hij aldus hen met zich heeft veizoend, wederbaart Hij hen ook door Zijnen Geest tot een nieuw leven en tot gerechtigheid. Daaruit vloeien de goede welken voort, die noodzakelijk aan God moeten behagen. Aldus bemint Hij niet slechts de geloovigen, maar ook hunne weiken. 1 och moet worden opgemerkt, dat altoos nog eenig kwaad kleeft aan onze werken, waarom zij niet kunnen worden goedgekeurd dan met toegevendheid. Derhalve is het de genade van Christus, die aan de werken waarde toekent, niet de eigene waardigheid of verdienste daarvan. Toch ontkennen wij niet, dat ze voor God in aanmerking komen, gelijk Hij hier de ï echtvaardigheid van Noach, die was voortgevloeid uit Zijne genade, erkent en aanneemt. Aldus bekroont Hij, gelijk Augustinus zegt, zijne iegene gaven.

Ook moet worden opgemerkt, dat Hij zegt: „Ik heb u gezien, dat gij rechtvaardig zijt voor Mijn aangezicht." En met dit wooid verklaart Hij niet slechts, dat alle maskers van rechtvaardigheid, waarbij de inwendige oprechtheid des harten ontbreekt, van geene beteekenis zijn, maar eischt Hij ook Zijn ïecht voor Zich op, alsof Hij zeide, dat Hij alleen de Rechter is, bekwaam om de rechtvaardigheid te beoordeelen. De toevoeging „in dit geslacht is, zooals ik zeide, tot bekrachtiging er bij gevoegd. Want zoo ongeneeslijk was de verkeerdheid van die eeuw, dat het als een wonder wordt beschouwd, dat Noach rein was van den algemeenen afval.

2. Van alle rein gedierte. Hij herhaalt nog eens, wat hij

Sluiten