Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ecnige moeite bewezen. Voor allen gemeenschappelijk was de belofte, waardoor de Heere hen tot kinderen had aangenomen. Het kan niet ontkend worden, of daarin wordt de eeuwige zaligheid aan allen aangeboden. Wat beteekent het dan anders dat Paulus ontkent, dat enkelen met recht als kinderen der belofte worden beschouwd, dan dat hij niet meer redeneert over de uitwendige aangebodene genade, maar over die, welke de uitverkorenen alleen krachtdadig ontvangen? Hier ontstaat dus eene dubbele reeks van kinderen in de Kerk. Omdat het geheele lichaam des volks door een en hetzelfde woord tot de schaapskooi Gods wordt geroepen, worden in dit opzicht allen zonder uitzondering a's kinderen beschouwd, en slaat de naam van Kerk op allen gemeenschappelijk. Ten opzichte van het verborgene heiligdom Gods worden geene anderen als kinderen Gods beschouwd, dan zij, in wien de belofte door het geloof verwerkelijkt is.

Toch vloeit dit onderscheid uit de bron der vrijmachtige uitverkiezing voort, waaruit ook het geloof zelf ontstaat. Maar omdat Gods Raad op zichzelf voor ons verborgen is, onderscheiden wij door het teeken van geloof en ongeloof de ware van de onechte kinderen. Deze bedoeling heeft geduurd tot de verbreiding van het Evangelie ; toen is de middelmuur verbroken, en heeft God de Heidenen met de natuurlijke zonen Abrahams gelijk gemaakt. Efeze 2 vs. 14. Dit was die vernieuwing der wereld, waardoor zij, die tevoren vreemdelingen geweest waren, voor het eerst kinderen genaamd werden. Zoo dikwijls echter eene vergelijking gemaakt wordt tusschen Joden en Heidenen, wordt de erfenis des levens genen als hun wettig eigendom toegekend, dezen echter als een bijkomend goed. Intusschen wordt deze Godspraak vervuld, waarin God Abraham beloofde, dat hij een vader zou zijn van vele volken. Want terwijl te voren in onafgebrokene reeks de nakomelingen Abrahams door hunne natuurlijke kinderen werden opgevolgd, en de zegening, die bij hem begonnen was, op de natuurlijke nakomelingen overging, heeft de komst van Christus teruggegrepen in de volgorde, en diegenen in zijn huisgezin ingelijfd, die tevoren van zijn zaad afgescheiden waren. Eindelijk zijn de Joden buitengeworpen, behalve dat bij hen het verborgen zaad der uitverkiezing blijft, opdat de overblijfselen behouden worden. Dit alles moest over het zaad Abrahams hier eens gezegd worden, om het volgende meer verstaanbaar te maken.

Sluiten