Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Derhalve is er geen twijfel aan, of door satan betooverd, hebben zij alle onderscheid tusschen wat schandelijk en eervol is, vergeten. Paulus zegt, Rom. 2 vs. 5, dat slechten, na langdurigen willekeur in het zondigen, eindelijk van alle smartgevoel daarover beroofd worden. Zoodanige stompzinnigheid had ongetwijfeld die meisjes bevangen, daar zij zich niet schaamden, om de schande harer onkuischheid overal te verbreiden. Voorts is zulk een voorbeeld van Gods straf ons geopenbaard, opdat wij niet eenige zonde zouden toelaten en ons zouden overgeven aan bandeloosheid, maar uit vrees voor God ons zeiven zouden aanzetten tot boetvaardigheid.

20ste HOOFDSTUK.

1. Daarna is Abraham vandaar vertrokken naar het land van 't zuiden en woonde tusschen Kades en Sur, en hij verkeerde als vreemdeling in Gerar.

2. En Abraham zeide van Sara, zijne vrouw : „Zij is mijne zuster." En Abimelech de koning van Gerar zond en nam Sara weg.

3. En de Heere kwam tot Abimelech in een droom des nachts en zeide tot hem „Zie, gij zijt dood, wegens de vrouw, die gij hebt genomen, want zij is gehuwd met eenen man."

4. Abimelech nu was niet tot haar genaderd, daarom zeide hij : „Heere, zult gij ook een rechtvaardig volk dooden ?

5. Heeft hij zelf niet gezegd, zij is mijne zuster, en ook zij heeft gezegd, hij is mijn broeder. In oprechtheid mijns harten en in reinheid mijner handen heb ik dït gedaan."

6. En God zeide hem in dien droom : „Ook Ik weet dat gij in oprechtheid uws harten dit hebt gedaan, en Ik heb u ook verhinderd, dat gij niet tegen mij zoudt zondigen, daarom heb Ik u niet toegestaan, om haar aan te raken.

7. En nu, geef de vrouw terug aan haren man, omdat hij een profeet is, en hij zal voor u bidden, en gij zult leven, en zoo gij ze niet terug zult geven, weet dat gij zekerlijk zult sterven, gij en alles wat het uwe is."

Sluiten