Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Wat is U Hagar ? De Engel verwijt Hagar hare ondankbaarheid, dat zij wederom tot het uiterste gebracht, niet bedenkt, dat eenmaal in een gelijk gevaar God haar genadig was geweest, zoodat zij wederom hare toevlucht nam tot het vertrouwen op Hem, dien zij eenmaal als bevrijder had leeren kennen. Toch zegt de Engel, dat het geneesmiddel voor hare zorgen gereed zou staan, zoo zij slechts zocht. In de toevoeging „wat doet gij ?" ligt dus een verwijt, dat zij tevergeefs zich kwelt met een onbestemd weenen. Daarna noodigt en dwingt hij haar, door te zeggen, „vrees niet" tot hoop op de genade. Maar wat bedoelt Hij met de toevoeging „uit de plaats, waar hij is ?" Schijnbaar kan hier eene stilzwijgende tegenstelling in liggen tusschen die plaats en het huis van Abraham, dat al dwaalt zij buiten Gods heiligdom in de woestijn rond, zij toch niet geheel door God was verlaten, omdat zij Hem tot leidsman had in hare ballingschap. Het kan ook zijn, dat hier met nadruk wordt gezegd, dat de knaap, schoon verstooten in eenzaamheid en als hopeloos beschouwd, toch God nabij zich had. En zoo beveelt haar de Engel, om aan de vreeselijke wanhoop der moeder tegemoet te komen, terug te keeren tot die plaats, waar zij haren zoon had gelegd. Want (gelijk dat gewoonlijk in wanhoop gaat) zij had opgehouden bedroefd te zijn en was als het ware buiten zichzelve neergevallen, zoo zij niet door de stem des Engels ware opgebeurd. Doch in dit voorbeeld zien wij, hoe dit gezegde naar waarheid is, dat wij door den Heere worden aangenomen, als wij van vader en moeder verlaten zijn.

18. Neem den knaap op. Opdat zij des te meer moed zou hebben, om den knaap op te voeden, bevestigt God aan haar, wat Hij te voren aan Abraham meermalen beloofd had. Wel schrijft de natuur aan de moeders voor, wat hare kinderen behoeven, maar gelijk ik zooeven heb aangestipt, hadden alle zinnen Hagar begeven, zoo niet God haar door eene nieuwe verzekering had herschapen, opdat zij hare krachten zou verzamelen en zich zou aangorden tot het volbrengen harer moederlijke taak. Wat de put betreft, enkelen meenen, dat deze plotseling is opgedoken. Doch wijl Mozes zegt, dat Hagars oogen zijn geopend, en niet dat de aarde is geopend of ontbloot, neig ik meer tot dit gevoelen, dat zij te voren door smart verbijsterd niet zag wat haar voor oogen lag, maar dat zij thans eindelijk

Sluiten