Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Autobiographie van Mr. J. F. R. VAN HOOFF

De partij der Patriotten, die als tegenstandster der Stadhoudersgezinde of Orangistische partij, hier te lande omstreeks het jaar 1750 was ontstaan, telde vooral in Staatsbrabant, waarvan de tegenwoordige provincie Noordbrabant, op eene kleine uitzondering na, de voortzetting is, zeer vele aanhangers.

Dit was geen wonder, omdat Staatsbrabant, sedert dat dit gewest was gekomen onder de heerschappij van de Staten Oeneraal van de Republiek der Vereenigde Nederlanden, steeds was behandeld geworden als een wingewest, zoodat het geen invloed kon hebben op 'sLands regeering maar wel buitengewoon hooge belastingen moest betalen zonder dat eenige contrapraestatie van beteekenis daar tegenover stond; bovendien werd de uitoefening van den R. Katholieken godsdienst, waaraan bijna zijne geheele bevolking was getrouw gebleven, er door de Staten Oeneraal slechts geduld en mochten zij, welke dien godsdienst beleden, niet tot openbare bedieningen worden benoemd, zoolang althans Protestanten daarvoor beschikbaar waren. Welk eene groote ontevredenheid dat had teweeggebracht in de gemoederen der anders zoo kalme Brabanters moge blijken uit de navolgende proclamatie, welke Pieter Vreede, S. van Bronkhorst, W. van Lelyveld van Cingelshouck, J. J. Havermans, L. Brederode,J. A. Krieger, E, Heijmans, W. J. Heeren, F. Deckers en H. Verhagen als „Gedeputeerden provisioneel representerende Bataafsch Brabant" den 6 juni 1795 van uit de eerste parochiekerk van Tilburg,

Sluiten