Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ook, sogten maeltijd en quam in de tent van Robeinson, daer de Major ons tracteerde. Men was daer redelijk wel; de meeste Switserse officieren aten aldaar; hij had verschijde tafels en de mensche, die er quamen, waaren ontelbaar, want tegelijk aten er wel 60 menschen, en die tafels wierden verschijden maaien op eenen middag bedient, want eer wij gegeten hadden, quamen er andren om onse plaetsen weer in te neemen. Toen wij gedaen hadde, wandelde met d'heer major na zijnedl. tent, dronke aldaer thee, en aten nooten, die daer aan de tenten te koop gebragt worden, gelijk ook alle gelanterije en taback. De major had ons seer geraaden, wij te Oosterhoud soude gaen logieere om de nabijheid, en had ten dien eijnde na Oosterhoud gesonden een officier om een logiment op te soeken, die toenmaels beschijd daarvan bragt en sij, dat wij voor ons beijden 2 st. per nagt moesten betaelen en het logiment redelijk wel was. De heer adjudant '), een goed edelman, quam bij ons praaten, terwijl wij beklag deede, dat wij niet mede als de rest paarde hadde, omdat het te voet wat gevaarlijk was, was dien heer so obligeant ons de sijne te presenteeren; en de major zijde, dat zijn edlen er 2 versorgen soude voor daags daaraen. Al causeerde, wierd het tijd te gaen, maar had geen rijtuig meer; de major zond aanstonds te verneeme na occassie door een soldaat, die emediaet met een kar terug quam, daar 15 st. voor veraccordeert was; terwijl wij nog wat saten, wierden de ordres uijtgedeelt. De adjudant had deselve gaen haaien, en wierd in onse presentie geleesen. Een order was er onder anderen, dat men soude een hoertent uijtroeijen, die op sekere plaets stond, en men soud de hoeren uijtkleeden en naakt door de camp jaagen. — Heb naderthand vernome van de major, dat er onder de hand waarschuwing is gegeven, waarop sij vertrokken sijn, sodat die executie niet gedaen is. — Dit geleesen sijnde, nam afschijd van de major en ginge met de kar na Breda. — Men segt, de heeren van Breda hebbe uijt complaisance voor de vreemdelinge geordonneert, dat de

Sluiten