Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

HOOFDSTUK VI.

McKINLEY'S HUWELIJK EN HUWELIJKS-LEVEN.

„Ghesellen en weduaers, beyde jonck en out De vryheit es beter dan silver en gout,

\ olcht Paulus leere, ick en rade u niet el(anders) Blyft onghebonden."

Zoo zong in de eerste helft der zestiende eeuw de oude Nederlandsehe dichteres Anna Bijns. McKinley heeft zeker nimmer iets gehoord of gelezen van deze ,,Eerwerdige Godvruchthige Catholycke ende seer vermaerde maghet," en dus ook nimmer iets geweten van haren goeden hoewel zelden opgevolgden raad. In elk geval heeft hij naar haar

vermaan niet geluisterd, want—in het jaar 1871 deed hij

dien zoo gewichtigen stap voor het leven eens menschen— hij trad in 't huwelijk. Degene die hij als zijne bruid naar het altaar mocht voeren was mejuffrouw Ida Saxton. Haar grootvader was een Oliio journalist, die van af het gedenkwaardig jaar 1815 een weekblad, de Ohio Repository had uitgegeven. Tot op hoogen ouderdom bleef hij in deze zaak bezig. Van hem kon gezegd dat hij het langste van alle couranten-uitgevers ten westen van de Alleghanies in zijn vak was werkzaam geweest. Een zijner zoons was James A. Saxton, die bankier werd en in den loop des tijds een kapitalist met een niet gering vermogen. Een zijner

Sluiten