Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Mei 1890 gehouden. In betrekking tot de „schedules" op lijsten met de namen der artikelen en hunne invoerrechten erbij, zeide hij b.v. het volgende. Deze ,,bilP beveelt aan het behoud der tegenwoordige rechten op aardewerk en porce'ein. Geene andere nijverheid in de Vereenigde Staten verdient of behoeft zooveel kweekende regeeringszorge als deze. Zij eiseht groote kunstvaardigheid in een de meest voorzichtige attentie aangaande, de vele en fijne processen die het ruwe materiaal moet ondergaan om het afgewerkt product te worden. Gedurende vele jaren, tot op 1863, had deze industrie weinig of geheel geen succes in de Vereenigde Staten en maakte practiscli en commercieel slechts zeer weinigen voortgang. Aan het einde van het lage tarief tijdperk van 1860 was er slechts ééne pottenbakkerij in de Vereenigde Staten met twee kleine ovens. Kr waren toen nog geene ovens tot versiering van 't aardewerk. I11 1873, bemoedigd door het tarief en de goud premie aan de protectie toegevoegd, waren we toegenomen tot 20 pottebakkerijen met 68 ovens maar nog geen versier-ovens. Het kapitaal in de bezigheid gestoken was toen $1,020,000 en de waarde der voortbrengselen $1,180,000. In 1882 waren er 55 pottebakkerijen, 244 ovens en 26 versier-ovens. Met een kapitaal van $5.076,000 en jaarlijksche voortbrengselen ten bedrage van $5,299,140. De loonen in die fabrieken in 1882 uitbetaald, waren samen $2,387,000 en het aantal geëmployeerden 7000. In 1889 waren er 80 pottebakkerijen, 401 ovens en de versier-ovens waren toegenomen iu aantal van 26 in 1882 tot 188 in 1889.

Dit alles noemde hij op om de groote voordeeleu in uitbreiding der nijverheid, door middel van protectie aan te toonen.

Sluiten