Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

dollars eischte. Velen riepen destijds dat deze aanmunting ,,oneerlijke dollars" maakte. Vóór 1873 toen het zilver nog onze standaard was naast het goud, was het metaal van deze eerste soort dat in eiken dollar zat $1.004 waard. Even meer dus dan een dollar. Maar toen de Bland-Allison wet werd uitgevaardigd was de marktwaarde van de hoeveelheid zilver die in eiken dollar was, gedaald tot 89 cents. Men begreep, zóo kon het op den duur niet gaan. In de allereerste boodschap die President Cleveland daarom aan het Congres richtte (1885) was reeds eene aanbeveling om deze Acte te herzien. Maar er kwam niets van tot aan het jaar 1890 toen Benjamin Harrison president was. , Tegen den tijd van zijne inzwering was het zilver reeds zóo verminderd dat de marktwaarde van dit metaal dat in eiken dollar zat, slechts 81 cents bedroeg. Nu begon men duidelijker dan ooit te zien dat men het zóo niet langer kon laten loopen. En zoo werd den 14 Juli 1890 besloten de Bland-Allison Acte te herroepen en er werd een nieuwe wet aangenomen—de „Sherman Silver Purchase and Coinage Act"—de wet tot Aankooping en Aanmunting van Zilver, naar haar ontwerper, den meer dan eens genoemden John Sherman, genoemd. Deze wet gelastte den Vereenigde Staten Schatmeester om elke maand omtrent een honderd en veertig tonnen gewichts van zilver aan te koopen en om dit enorme bedrag maandelijks in dollars aan te munten tot op den eersten Juli van het jaar 1891, en daarna zooverre het noodig was. Senateur Sherman zegt hiervan in zijne „Autobiography": ,,eenegroote meerderheid van den Senaat was ten gunste van vrij zilver en deze wet werd vervaardigd om eene acte tot v-rije aanmunting van zilver te

Sluiten