Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

noemde hij „Populaire soevereiniteit", alsof deze van generaal Cass geleende uitdrukking het schreeuwend onrecht kon bedekken dat er onder verscholen was.

Woorden kunnen onmogelijk uitdrukken hoe het voorstel van Douglas, de z.g.n. „Kansas-Nebraska bill," het Noorden in rep en roer bracht. Elk gevoelde direct dat dit wetsontwerp geheel en al het Zuiden begunstigde en misschien het middel zou wezen om de slavenstaten een blijvend overwicht te geven in het Congres. Want het voorstel van Douglas opende een grondgebied voor de slavernij, veel grooter dan de oorspronkelijke Dertien Koloniën der Unie te zamen.

Te midden van de grootste opwinding nam het Congres het ontwerp van Douglas aan, op den achtsten Mei 1845. Als een jubelteeken dat het ontwerp tot wet was verheven, werd er van den Capitoolheuvel te Washington een artillerie salvo gelost.

Dat zoude de doodsklok worden voor de slavernij!

„Voorwaar, er is een God die leeft En op de aard' gerichten geeft."

Oogenblikkelijk was geheel het Noorden in vuur en vlam. Overal werd senateur Douglas scherp veroordeeld als een Ezau, die voor een schotel moeskruiden het eerstgeboorterecht had verkocht. Want men geloofde dat hij het gedaan had om de gunst van het Zuiden te verwerven, opdat hij daardoor zich den weg zou banen tot den presidentszetel.

Met groote geslepenheid, verdedigde Douglas zich voor het volk. Hij beriep zich op het Republikeinsch beginsel van Volkssoevereiniteit en beweerde, dat het de meest rechtvaardige zaak van de wereld was, dat het volk van het nieuw grondgebied zelf zou beslissen of het slavernij zou toestaan, al dan niet. Natuurlijk verzweeg hij geheel en al, dat dit in het onderhavig geval woordbreuk inhield, daar men, ten tijde der Missouri Compromise, het woord verpand had dat die streken vrij zouden zijn.

Sluiten