Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

II. Te bepalen, dat op de Inlandsche schepelingen aan boord der stoomschepen, welke gebezigd worden tot bestrijding van den opiumsluikhandel, en op de Inlandsche schepelingen aan boord der schepen van de bebakening, van de kustverlichting en van het haven- en loodswezen, van kracht zijn de bij ordonnantie van 14 Juli 1873 (Staatsblad. No. 119) 1) vastgestelde en sedert gewijzigde voorschriften omtrent de huishouding en tucht op de Nederlandsch-Indische koopvaardijschepen, voor zoover die voorschriften niet in strijd zijn met andere voor bedoelde schepelingen geldende bepalingen.

III. Deze ordonnantie treedt in werking op den dag harer afkondiging.

No. 4. REGELING der verplichting van particuliere ondernemingen van landbouw of nijverhèid op Java en Madoera tot herstel der door haar karretransport aan dessawegen en daarin gelegen kunstwerken toegebrachte schade.

Staatsblad 1901 No. 161. DE GOUVERNEUR-GENERAAL VAN NEDERLANDSCH-INDIË

doet te weten :

Dat Hij, het noodzakelijk achtende voorzieningen te treffen waardoor de particuliere ondernemingen van landbouw of nijverheid op Java en Madoera verplicht worden tot herstel der door haar karretransport aan de dessawegen en daarin gelegen kunstwerken toegebrachte schade;

Heeft goedgevonden en verstaan :

Te bepalen als volgt:

Art. 1. 1) De particuliere ondernemingen van landbouw of nijverheid op Java en Madoera zijn verplicht tot herstel der schade, door het te haren behoeve strekkend karretransport toegebracht aan de daarvoor gebezigde dessawegen en daarin gelegen kunstwerken.

(2) Voor de toepassing van deze verordening wordt onder ,,karretransport" verstaan, het gebruikmaken van niet over rails loopende rij- en voertuigen, welke niet uitsluitend voor vervoer van personen worden gebezigd.

1) Zie Sub. B, hiervoren.

Sluiten