Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

„Al wat op grond van deze ordonnantie wordt verbeurd ver„klaard, met uitzondering van waardelooze gereedschappen en „verpakkingsmiddelen, welke dadelijk vernietigd worden, wordt „onder het ambtszegel van het Hoofd van plaatselijk bestuur „opgezonden naar de fabriek der opiumregie en daar, voor „zoover het voor 's Lands dienst bruikbaar wordt bevonden, „ingenomen bij de boeken en overigens vernietigd. Op gelijke wijze „wordt gehandeld met opium en gereedschappen, waarvan de „eigenaren niet bekend zijn of ten opzichte waarvan uit anderen „hoofde geene strafvervolging wegens overtreding kan worden ingesteld".

Ten derde : Deze ordonnantie treedt in werking :

a. voor de residentiën Madoera, Besoeki, Probohnggo en Pasoeroean, op den dag harer afkondiging;

b. voor de overige gewesten op Java op het tijdstip of de tijdstippen, bedoeld in § III, tweede lid, der ordonnantie van 18 Februari 1898 (Staatsblad No. 77) 1)

No. 31. OPIUMBEZIT in de verboden kringen op Java en Madoera. 2)

A. Verbodsbepalingen op den invoer, den verkoop en het bezit van opium in sommige gedeelten van Java en Madoera.

Staatsblad 1824 no. 44, zooals het is aangevuld bij verschillende hieronder te vermelden andere Staatsbladen.

Publicatie van den Gouverneur-Generaal in rade van 3 December 1824, waarbij wordt bepaald, dat het voortaan aan niemand zal zijn geoorloofd om eenige amfioen, hetzij geprepareerde, hetzij ongeprepareerde, in de geheele uitgestrektheid van de Preanger-regentschappen in te voeren, veel minder te debiteeren.

Alzoo bij resolutie van heden, in rade van Indtë genomen, is bepaald, dat van nu af aan en in den vervolge het aan niemand, wie hij ook zij en onder welk voorwendsel ook, zal zijn geoorloofd om eenige amfioen, hetzij geprepareerde, hetzij ongeprepareerde in de geheele uitgestrektheid van de Preanger-regentschappen in te voeren, veel minder te debiteeren; zullende degenen,

1) De opiumregie is nader ingevoerd bij Stbl 1898 No. 255 voor het gewest Soerabaja, bij Stbl 1900 No. 204 a., voor de gewesten Kediri en Madioen, bij Stbl. 1901. No. 229 in de gewesten Rembang en Semarang ; bij Stbl. 1902 No. 267 in het gewest Batavia , bij Stbl. 1902 no. 358 in de gewesten Soerakarta en Jogjakarta, bij Stbl. 1903 no. 272 in de gewesten Cheribon, Pekalongan, Banjoemas en Kedoe.

2) De bepalingen omtrent de verkrijgbaarstelling van regiecpium in de verboden kringen zijn opgenomen in Stbl. 1902 no 266 en 267, gewijzigd bij Stbl. 1905 no. 568 en 569, Stbl. 1907 no. 381 en Stbl. 1908 no. 671-

Sluiten