Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

No. 34. REGLEMENT voor het beheer der bosschen vart den lande op Java en Madoera 1)

Staatsblad 1897 No. 61, zooals het is gewijzigd bij Stbl. 1901 No. 208, 1893 No. 219, 1904 No. 256, 1905 No. 40 en 1907 No. 232.

HOOFDSTUK I.

Art. 1. (1). De bosschen van den lande op Java en Madoera worden onderscheiden in djati- en wildhoutbosschen. 2)

(2). De djatibosschen zijn die, welke geheel of voor een aanmerkelijk gedeelte bestaan uit djatibosschen.

(3). Alle overige bosschen zijn wildhoutbosschen.

(4). Bij twijfel beslist de Hoofdinspecteur, chef van den dienst van het Boschwezen. 3)

ART. 2. Tot de bosschen van den lande worden gerekend te behooren :

a. de daarbinnen gelegen, tot het vrije Staatsdomein behoorend kale, dat zijn niet met opgaand houtgewas begroeide, dan wel geheel onbegroeide terreinen, voor zoover daaraan door de regeering geene buiten het boschbeheer liggende bestemming is of wordt gegeven ;

b. alle terreinen, welke door de regeering zijn of worden gereserveerd in het belang van de instandhouding of uitbreiding der bosschen, zoomede die, welke bij de regeling van de grenzen bij de bosschen zijn of worden ingelijfd;

c. de van landswege aangelegde of nog aan te leggen plantsoenen, voor zoover het beheer daarover niet afzonderlijk is geregeld.

ART. 3 t/m. 9 enz. 4)

ART. 10. (1) De geregelde exploitatie geschiedt, behoudens het bepaalde bij het vijfde en het zesde lid van dit artikel, door tusschenkomst van aannemers, met wie ter zake wordt overeengekomen na openbare aanbesteding.

(2) Die aanbestedingen worden gehouden op machtiging van den Directeur van binnenlandsch bestuur, tenzij de exploitatie

1) Dit reglement is in de plaats getreden van het reglement, opgenomen in Stbl. 1874 No. 110.

De straffen op overtredingen van dit reglement zijn vastgesteld bij Stbl. 1875 No. 216 zie No. 35 hier achter. Aan art. 37 is neg geene uitvoering gegeven.

2). De voorlopige grenzen van de in stand te houden wildhoujbo^schen zijn aangewezen bij Stbl 1905 No. 42 jo., 1906 No. .55 en 1907 No. 249.

3). Zooals dio alinea luidt cfm. Stbl. 1907 No. 232.

4). De art. 3 en 8 zijn gewijzigd bij Stbl. 1901 no. 208 art. 3 ock bij Stbl. 1903 No. 219. 190o No. 40 en 1907 No. 232; art. b, 6, 7, 8 en 9 bij Stbl. 1907 No. 232.

Sluiten