Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

namaken of vervalschen van postzegels, desbewust gebruik maken van nagemaakte of vervalschte postzegels.

§ 2. Met gevangenis van drie maanden tot vijf jaren, voor zooveel europeanen of daarmede gelijkgestelde personen betreft, en dwangarbeid buiten den ketting van gelijken duur, voor zooveel inlanders of daarmede gelijkgestelde personen aangaat, en eene geldboete van ƒ 25.—tot/500.— te zamen of afzonderlijk, worden gestraft zij, die den afdruk van den stempel, waarmede de reeds gebruikte postzegels worden gemerkt, vernietigen of veranderen, en zij, die zich desbewust van reeds gebruikte postzegels bedienen.

§. 3. Ambtenaren van den post-' en telegraafdienst, die zich aan een der misdrijven, in de voorgaande § bedoeld, schuldig maken, worden tot het dubbele der daarbij bedreigde straffen verwezen.

§ 4. Buitenlandsche postzegels worden ten opzichte van het bepaalde bij de drie voorafgaande paragrafen met NederlandschIndische postzegels gelijk gesteld 1) enz.

Art. 12. Brieven en andere ter post bezorgde stukken, voorzien van nagemaakte of vervalschte postzegels of van zegels, waarvan de vroeger daarop geplaatste stempelafdrukken zijn weggenomen, worden aangehouden en met een in dubbel opgemaakt procesverbaal, door tusschenkomst van den hoofdinspecteur, chef van den post- en telegraafdienst, opgezonden aan het openbaar ministerie bij de rechtbank, dat bevoegd is van het feit kennis te nemen.

No. 43. BEPALINGEN betreffende beschadiging van telegrafen en telefonen in Ned-Indië.

A. Telegrafen.

Staatsblad 1876 No. 257, zooals het is aangevuld en gewijzigd bij Stbl. 1878 No. 101, 1889 No. 213 en 1891 No. 235 2).

ART. 1. Op het grondgebied van Nederlandsch-Indië worden geen telegrafen aangelegd en voor het verkeer opengesteld, dan door of met vergunning van de regeering.

Daarvan zijn uitgezonderd telegrafen, die uitsluitend over den eigendom van een bijzonder persoon of van een bijzondere onderneming loopen en alleen ten nutte en gebruike van den eigenaar dienen.

1) § 4 toegevoegd bij Stbl. 1887 No. 246.

2) öij StDi. 19uJ Mo. 4Ud is bepaald, dat het Stbl. 1876 No. 257 ook van toepassing is op telegraten en telefonen, die niet onderling door draden of geleidingen verbonden zijn.

Sluiten