Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

3e. de gezagvoerder of die hem vervangt, die zijn vaartuig niet tenminste een kwart zeemijl (van 60 in een graad) verwijderd houdt van de voor hem zichtbare boeien, bestemd om bij het leggen, bij verstoring of bij verbreking de ligging der kabels aan te geven;

4e. hij, die zijn vischtuigen of netten niet op den sub 3 genoemden afstand houdt.

ART. 4. Met gevangenis van zes dagen tot vier maanden of geldboete van f 10.— tot f 600.— of dwangarbeid buiten den ketting van zes dagen tot vier maanden of geldboete van { 10.— tot f 600.— wordt, naar gelang hij is europeaan of inlander, gestraft, hij, die opzettelijk niet voldoet aan de bevelen, op grond der meergenoemde overeenkomst gegeven door de officieren, bevelvoerende over oorlogsschepen van een der tot die overeenkomst toegetreden staten of over door deze opzettelijk tot handhaving van die overeenkomst uitgezonden vaartuigen.

ART. 5 enz.

C. Telefoonlijnen.

Staatsblad 1883 No. 145:

De bepalingen omtrent den aanleg en het gebruik van telegrafen in Ned.-Indië, vastgesteld bij de ordonnantie van 6 October 1876 (Staatsblad No. 257) en aangevuld bij de ordonnantie van 27 Februari 1878 (Staatsblad No. 101.) 1)

En opdat enz.

No. 44. BEPALINGEN ter regeling van de heffing van accijnzen op Java en Madoera.

Staatsblad 1898 No. 90.

A. Bepalingen ter regeling van de heffing en de verzekering van den accijns op het inlandsch gedistilleerd op Java en Madoera.

HOOFDSTUK I.

Bedrag en heffing van den accijns. Sterkte bepalingen en herleiding. Betaling. Vrijdom.

ART. 1. Op Java en Madoera wordt een accijns van het inlandsch gedistilleerd geheven naar den maatstaf van f 50.— per H. L. bevattende 50 liters alcohol bij eene temperatuur van 50 graden van den honderddeeligen thermometer.

1). Zie hier voor A; bij Stbl. 1889 No. 213 sub. II is bepaald, dat de daar bij sub. I gearresteerde aanvulling van art. 11 van Stbl. 1876 No. 257 ook geldt voor de telefoonlijnen.

Sluiten