Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

No. 48. REGELING van het toezicht op het bijzonder onderwijs, dat door europeanen en met dezen gelijkgestelden aan inlanders en met dezen gelijkgestelden gegeven wordt in Ned.-Indië 1).

Staatsblad 1880 No. 201, gewijzigd bij Stbl. 1903 no. 389.

ART. 1. Europeanen en met dezen gelijkgestelden behoeven voor het geven van bijzonder onderwijs aan inlanders of met dezen gelijkgestelden, hetzij school-, hetzij huisonderwijs, de schriftelijke vergunning van het Hoofd van gewestelijk bestuur, door wien zij op schriftelijke aanvraag wordt verleend voor één of meer plaatsen, binnen het door hem bestuurd gewest gelegen.

Het geven van zoodanig onderwijs zonder de vereischte vergunning wordt gestraft: de eerste maal met eene boete van f 25.— tot f 100.— ; de tweede maal met eene boete van f 100.— en gevangenisstraf van acht dagen, te zamen of afzonderlijk, en vervolgens telkens met gevangenisstraf van een tot drie maanden.

ART. 2 en 3 enz. 2).

ART. 4. De in art. 1 bedoelde vergunning wordt niet vereischt:

le. voor christen-zendelingen, voorzien van de bijzondere toelating, bedoeld in art. 123 van het reglement op het beleid der Regeering van Ned.-Ind.;

2e. voor van die toelating voorziene christen-leeraars en priesters, voor zooveel het onderwijs aan inlandsche christenen en heidenen betreft; zijnde zij overigens bij de indiening hunner aanvraag van de voldoening aan art. 21a dezer verordening vrijgesteld.

ART. 5. De scholen, waar door europeanen en met dezen gelijkgestelden,—ook door de personen, in het voorgaande artikel genoemd onderwijs wordt gegeven aan inlanders en met dezen gelijkgestelden, zijn steeds toegankelijk voor de leden der plaatselijke inlandsche schoolcommissie en den betrokken inspecteur of adjunct-inspecteur van het inlandsch onderwijs.

De onderwijzers zijn verplicht aan deze autoriteiten de verlangde inlichtingen te geven omtrent de school en het onderwijs. Weigering ten deze wordt gestraft met eene boete van f 25.— of gevangenisstraf van drie dagen, en bij herhaling telkens met beide straffen te zamen.

1) Zie over het Mohammedaansch godsdienstonderwijs Nq. 103 hier achter.

2) Art- 2 is gewijzigd bij Stbl. 1903 no. 389.

Sluiten