Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

bedoeld in artikel 1, te hunnen overstaan gesloten, en de laatstgenoemden van de bij hen ontvangen aanciften van overdracht aan den griffier van den Raad van Justitie, den gewestelijken secretaris of anderen ambtenaar, met wiens bijstand het bewijs van den overgang moet worden verleden. 1)

Art. 36. Op gelijke wijze zijn de vendumeesters, op verbeurte der in artikel 35 bedreigde boete, verplicht, in voege als in artikel 23 der Instructie, vastgesteld bij besluit van 7 September 1889 No. 31 (Staatsblad No. 191) is voorgeschreven, aan de in het vorig artikel bedoelde ambtenaren maandelijks opgave te doen van de vaste goederen en van de schepen, bedoeld in artikel 1, te hunnen overstaan verkocht. 1)

ART. 37 enz. 2)

No. 55. HERZIENING der bepalingen in zake de personeele belasting in Ned.-Indië.

Staatsblad 1908 No. 13. 3)

art. 1. Er wordt, onder den naam van personeele belasting, van europeanen, van daarmede gelijkgestelden en van vreemde oosterlingen, eene belasting geheven naar de volgende grondslagen ;

lo. huurwaarde der woonhuizen met bijbehoorende gebouwen en erven ;

2o. waarde van meubilair ;

3o. getal paarden ;

4o. getal en soort der rijwielen ;

5o. getal en soort der rijtuigen ;

6o. getal automobielen en autoletten.

Art. 2 t/m. 16 enz.

ART. 17. De belastingplichtigen moeten jaarlijks aangifte doen.

De aangifte bevat :

a. den huurprijs van het woonhuis met bijbehoorende gebouwen en erven, of, indien het niet gehuurd is, dan wel gehuurd is met andere goederen voor één prijs, de huurwaarde ;

b. indien er voor een deel van het woonhuis of zijne aanhoorigheden vrijdom wordt ingeroepen volgens art. 4, bovendien de omschrijving van dat deel en de opgaaf der huurwaarde van het overblijvende deel;

1) Zooals art. 35 en 36 zijn gewijzigd bij Stbl. 1891 No. 67.

2) Art. 43a (nieuw) zie Stbl. 1898 No. 303.

3) Bij Stbl. 1904 no. 83 zijn regelingen vastgesteld in verband met deze belasting.

Sluiten