Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

(4) Voldoet het schip, naar het oordeel der commissie, wel aan de gestelde eischen, dan wordt het certificaat of de certificaten teruggegeven en komen de kosten van het onderzoek ten laste van den lande; in het tegenovergestelde geval komen de kosten ten laste van den aanvrager der keuring en wordt het certificaat of de certificaten eerst terug gegeven, nadat de noodig geoordeelde voorziening, welke door de keuringscommissie schriftelijk aan den aanvrager der keuring wordt opgegeven, naar genoegen der commissie is aangebracht.

(5) De commissie geeft in ieder geval van hare bevinding schriftelijk kennis aan het Hoofd van plaatselijk bestuur.

ART. 30. (1) Wanneer na de uitreiking van het certificaat B., doch vóór het vertrek van het schip, een'toestand ontstaat, welke niet meer overeenkomt met het certificaat, dan doet dé gezagvoerder daarvan, onder teruggave van het certificaat, onmiddellijk mededeeling aan den havenmeester.

(2) In dit geval zijn verder toepasselijk de bepalingen van de art. 28 en 29.

ART. 31, 32, enz.

VI. Voorzorgen tegen overbrenging van besmetting door de uit Nederlandsch-Indië vertrekkende pelgrimsschepen.

Art. 33. (1) In de haven, uit welke een pelgrimsschip de reis naar eene plaats buiten Nederlandsch-Indië gaat aanvaarden, mag geen passagier, van welke klasse ook, op dat schip worden ingescheept, alvorens geneeskundig te zijn onderzocht; dit onderzoek geschiedt overdag en aan den wal, zoo kort mogelijk vóór de inscheping, door den geneesheer, bedoeld in art. 16, alinea 1.

(2) Geen passagier mag worden ingescheept, die volgens het oordeel van den in het vorig lid vermelden geneesheer is aangetast door cholera, door op cholera gelijkende aandoening, of door met cholera vermoedelijk in verband staanden buikloop, dan wel verschijnselen vertoont van pest.

(3) Alle goederen der passagiers, welke naar het oordeel van den in de vorige alinea's genoemden geneesheer besmet zijn of verdacht worden besmet te zijn door cholera of pest, moeten aan den wal worden ontsmet of vernietigd, onder toezicht van bedoelden geneesheer en op de wijze, als onder het hoofd „Ontsmettingsreglement" in deze ordonnantie is omschreven.

(4) De ontsmetting of vernietiging heeft niet plaats, indien de passagier, wien de voorwerpen of goederen toebehooren,

27*

Sluiten