Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Art. 36. (1) Op een pelgrimsschip, dat passagiers heeft ingescheept tijdens ter plaatse van inscheping gevallen van cholera of pest voorkomen, onderzoekt gedurende den in het vorig artikel genoemden termijn de scheepsgeneesheer dagelijks alle passagiers.

(2) Hebben zich gedurende den in art. 35 bedoelden termijn onder de passagiers geene gevallen van cholera of pest voorgedaan, dan maakt de scheepsgeneesheer ten blijke daarvan eene door den gezagvoerder gewaarmerkte verklaring op en zendt deze verklaring aan den havenmeester.

ART. 37. (1) Door den gezagvoerder, de reeders of agenten van het pelgrimsschip is voor iederen passagier, die in voldoening aan art. 33, alinea 1, geneeskundig wordt onderzocht, aan den lande eene vergoeding verschuldigd van f 2.—■ (twee gulden).

(2) De gezagvoerder, reeders en agenten zijn voor deze vergoeding hoofdelijk aansprakelijk.

art. 38. Voor iederen passagier, die krachtens art. 33 alinea 1, geneeskundig is onderzocht, wordt uit 's lands kas aan den in die alinea bedoelden geneesheer en aan den havenmeester, bedoeld in de 2de en 4de alinea van art. 34, ieder een bedrag van f ].—- (één gulden) uitbetaald.

VII. Bagage.

Art. 39, 40, enz.

VIII. Voeding.

Art. 41. (1) De gezagvoerder der pelgrimsschepen voorzien in de voeding der passagiers, die zij vervoeren.

(2) De voeding, waarop iedere passagier der laagste klasse op de reis van Nederlandsch-Indië naar de bestemmingshaven in de Roode zee recht heeft, is omschreven in de aan deze ordonnantie gehechte bijlage B en wordt verstrekt in bereiden staat.

(3) De verstrekking van ziekenkost geschiedt kosteloos volgens voorschrift van den scheepsgeneesheer.

ART. 42. Op elk pelgrimsschip moeten op eene goed zichtbare en voor alle passagiers bereikbare plaats zijn aangeplakt in het Maleisch opgemaakte opgaven van:

a. het dagelijksch rantsoen, aan iederen passagier der laagste klasse toekomende;

Sluiten