Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

De feiten, waardoor de werkman geacht wordt op zijn werkcontract willekeurig inbreuk te maken, zijn:

a. niet voldoening aan de verplichting, omschreven in No. 10 van artikel 2;

b. desertie;

c. voortgezette weigering om te werken.

ART. 10. Verzet, beleediging of bedreiging tegen de werkgevers of hun personeel, rustverstoring, verregaande luiheid, dienstweigering, opruiing tot desertie of tot dienstweigering, vechterij, dronkenschap en dergelijke vergrijpen tegen de goede orde, worden, indien het feit niet als misdrijf is aan te merken, gestraft met eene geldboete van ten hoogste f 25 (vijfentwintig gulden), of met tenarbeidstelling aan de publieke werken voor den kost zonder loon van ten hoogste twaalf dagen.

ART. 11. Het aanmoedigen tot niet naleving van werkcontracten of het begunstigen daarvan door het verleenen van huisvesting aan- of het indienstnemen van een werkman, die niet door een behoorlijk ingevuld ontslagbriefje of door een van wege het bestuur aan hem uitgereikt schriftuur heeft bewezen geheel vrjj te zijn van dienstverplichtingen tegenover anderen, wordt, elke overtreding op zich zelve, gestraft, voor zooveel europeanen of met dezen gelijkgestelden betreft, met eene geldboete van ten hoogste f 100 (één honderd gulden) of gevangenisstraf van ten hoogste acht dagen, en voor zooveel inlanders of met dezen gelijkgestelden betreft, met eene geldboete van ten hoogste f 50 (vijftig gulden) of tenarbeidstelling aan de publieke werken, voor den kost zonder loon van ten hoogste één maand. 1)

I

ART. 12. Willekeurige inbreuk op het contract, door den werkman gepleegd, wordt alleen vervolgd op aanklacht van den eigenaar of administrateur der onderneming, waartoe de werkman behoort.

De 'werkman, die voor de eerste maal ter zake van desertie terecht staat, kan de straf voorkomen, indien hij met goedvinden van den aanklager, vóór de oplegging, vrijwillig naar zijn meester terugkeert.

ART. 13. Overtredingen van de voorschriften dezer ordonnantie, waartegen geen bepaalde straffen zijn bedreigd, worden gestraft, voor zooveel europeanen en met dezen gelijkgestelden betreft, met eene geldboete van ten hoogste f 100 (een honderd

1) Zooals art. 11 luidt cfm. Stbl. 1891 No. 72.

Sluiten