Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Staatsblad 1907 No. 265 jo. 470. DE GOUVERNEUR-GENERAAL VAN NEDERLANDSCH-INDIË

doet te weten :

Dat Hij, eene herziening wenschelijk achtende van de bij de ordonnantie van 6 Juni 1900 (Stbl. no. 173) voor Java en Madoera vastgestelde bepalingen ter uitbreiding en verscherping van het toezicht op de scheepvaart met vaartuigen, genoemd in artikel 1 van het Koninklijk besluit van 30 Januari 1874 No. 16 (Indisch Staatsblad No. 113);

Lettende op de artikelen 20, 29, 31 en 33 van het Reglement op het beleid der Regeering van Nederlandsch-Indië : Heeft goedgevonden en verstaan :

Met intrekking van de ordonnantie van 6 Juni 1900 (Staatsblad No. 173) te bepalen :

ART. 1. De vaartuigen, genoemd in artikel 1, alinea 2, letters b, c, d, e en / van het Koninklijk besluit van 30 Januari 1874 No. 16 (Indisch Staatsblad No. 113) zooals de tekst daarvan luidt volgens het Koninklijk besluit van 25 Maart 1.905 (!nd. Stbl. no. 316), 1) moeten elk, alvorens in de vaart gebracht te worden, op aangifte van of namens den eigenaar, ingeschreven zijn in een daartoe bestemd register ten kantore van het Hoofd van plaatselijk bestuur der afdeeling, waarin de eigenaar metterwoon gevestigd is.

Van deze inschrijving wordt onmiddellijk een certificaat uitgereikt, opgemaakt volgens het aan deze ordonnantie qehecht model.

De uitreiking van het certificaat op plaatsen, waar een havenmeester of fungeerend havenmeester bescheiden is, heeft niet plaats, dan nadat gebleken is, dat het vaartuig voldoet aan de in Ned.-Indië geldende algemeene, zoowel als plaatselijke scheepvaartverordeningen.

Aan het certificaat wordt de bevoegdheid ontleend tot het voeren van de Nederlandsche vlag.

1) Luidende (zie no. 81):

b. vaartuigen van zeilverenigingen of jachtclubs, als zoodanig wettig erkend ;

c. reddingsvaartuigen.

d. visschersvaartuigen. uitsluitend tot het vangen van visch, tripang en schelpdieren, ot tot het vervoeren van deze en andere zeeproducten gebezigd wordende ;

e. binnenschepen, die bij uitzondering buiten de tonnen varen ;

f. vaartuigen, ten hoogste 7— metende. De passenregeling voor deze vaartuigen

(kleine) op de Byitenbezittingen vindt men onder No. 81 E. hier voren.

Sluiten