Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ning, of in het voortzetten van den dienst na eene bevolen staking, bovendien met eene boete van vijftig tot vijf honderd gulden voor eiken dag, dien de ongeoorloofde openstelling, hervatting of voortzetting geduurd heeft.

ART. 100. Straffen, bedreigd tegen overtredingen van beambten en bedienden.

De beambten en bedienden van den tramweg worden, zoo zij de bepalingen van dit reglement, het in art. 14 bedoeld reglement op het gemeenschappelijk gebruik van een tramweg, de aldaar en in art. 15 bedoelde regeling voor het gemeenschappelijk gebruik van stations en voor het doorgaand vervoer van goederen of de in art. 30 bedoelde regeling voor de aansluiting en kruising met spoor- en andere tramwegen niet naleven of daarmede in strijd handelen of doen handelen, gestraft met geldboeten van vijf tot één honderd gulden, of, ir.dien zij europeanen of met dezen gelijkgestelden zijn, met gevangenisstraf van één dag tot acht dagen en, indien zij inlanders of met dezen gelijkgestelden zijn, met tenarbeidstelling aan de publieke werken voor den kost zonder loon voor den tijd van acht dagen tot ééne maand. Zij zijn niet strafbaar zoo hunne overtreding een gevolg is van een door de bestuurders van den tramwegdienst gegeven last.

ART. 101. Straffen tegen het opzettelijk doen ontstaan van gevaar voor den trein.

Die opzettelijk gevaar doet ontstaan voor een trein wordt gestraft, indien geen ongeval daarvan het gevolg is geweest, met tuchthuisstraf van vijf tot tien jaren; indien verwonding of ander lichamelijk letsel van iemand daarvan het gevolg is, met tuchthuisstraf van vijf tot vijftien jaren; indien verlies van menschenlevens daarvan het gevolg is, met tuchthuisstraf van vijf tot twintig jaren; indien de dood als moord is te beschouwen, de daartegen bij de Algemeene Wetgeving bedreigde straf.

ART. 102. Straffen tegen het zonder opzet doen ontstaan van gevaar voor een trein.

Die zonder opzet gevaar, dat hij had kunnen en moeten voorzien, voor een trein doet ontstaan, wordt gestraft:

indien geen ongeval daarvan het gevolg is geweest, met gevangenisstraf van drie maanden tot een jaar;

indien verwonding of ander lichamelijk letsel van iemand daarvan het gevolg is, met gevangenisstraf van drie maanden tot twee jaren;

indien verlies van menschenlevens daarvan het gevolg is, met gevangenisstraf van drie maanden tot drie jaren.

Sluiten