Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

(3) De overige tot het transport behoorende dieren, zoomede dieren, behoorende tot een lading, waaronder geen besmettelijke ziekte is geconstateerd, moeten, na ontscheept te zijn, gedurende 12 dagen in quarantaine worden gehouden. 1)

(4) De Directeur van Landbouw is bevoegd om ten aanzien van de in de vorige alinea in de tweede plaats bedoelde dieren vrijstelling van quarantaine te verleenen. 2)

ART. 4. De schepen, waarop zich de dieren bevinden, waarvan, ingevolge het bepaalde bij het voorgaand artikel, de ontscheping verboden is, moeten na ontscheping der gezonde dieren, wanneer dit geoorloofd is volgens het laatste lid van dat artikel, op eerste aanzegging van de autoriteit, die over de reede of haven het rechtstreeksch gezag uitoefent, onmiddellijk zich van daar verwijderen.

Zij worden eerst weder op de reede of in de haven toegelaten, zoodra het aan boord aanwezige zieke of verdachte vee afgemaakt is, men de doode lichamen op den bodem der zee • heeft doen zinken en schip en lading behoorlijk, ingevolge daarvoor gegeven voorschriften, ten overstaan van eene daartoe door het Hoofd van gewestelijk of plaatselijk bestuur benoemde commissie, zijn gedesinfecteerd.

De desinfectiekosten komen ten laste van den invoerder.

Voor het afgemaakte vee wordt geene schadeloosstelling uitgekeerd. 3)

ART. 5. Zaken, die met vee in verband staan, als: haar, wol, beenderen, huiden, horens en andere, afkomstig van het in artikel 3 bedoelde zieke of verdachte vee, of zaken, die daarmede in aanraking zijn geweest, mogen niet worden gelost of ingevoerd, zoolang zij niet op de wijze, bedoeld bij het voorgaand artikel, zijn gedesinfecteerd. 3)

ART. 6. Wanneer, nadat de aanzegging, bedoeld bij het eerste lid van artikel 4, heeft plaats gehad, de gezagvoerder daaraan niet onmiddellijk gevolg geeft, is alle gemeenschap met het schip terstond verboden.

Het plaatselijk bestuur zorgt dat hiervan onmiddellijk kennis gegeven wordt aan den betrokken gezagvoerder, aan de gezagvoerders van alle ter reede liggende vaartuigen en aan elk en een iegelijk, die zich naar de haven of reede begeeft.

n Bii stbl. 1905 No. 294 juncto 1906 No. 545 is bepaald, dat in afwijking van ari. 3. derde alinea, het vee. aangekocht voor rekening van den Lande, in quarantaine moet »"<jen gehouden gedurende eenen tijd, die telkens duor den D recteur van Landbouw wordt bepaald.

2) Zooals art. 3 luidt cfm. Sibl. 1S95 No. 279; 1897 No. 294 en 1906 No- 48.

3) Zooals art. 4 en 5 luiden cfm. Stbl. 1895 No. 279.

Sluiten