is toegevoegd aan uw favorieten.

Rijcklof van Goens, commissaris en veldoverste der Oost-Indische Compagnie, en zijn arbeidsveld, 1653/54 en 1657/58

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

de vloot wel verre van verminderd, versterkt zou worden. Daartoe werd het onbekwame jacht de Avontsterre vervangen door het oorlogsjacht Vlieland. Van de schepen Ter Goes, Naar den, en Avontsterre zouden nog eenige stukken geschut op de achterblijvende schepen worden overgebracht en de bemanning door een vermeerdering met 115 koppen (onder wie 90 soldaten) op 1050 man worden gebracht.

Van Goens had verwacht voor zijn aanval op Diu versterking te zullen krijgen uit de vloot voor Goa.*) Nu hij integendeel een van zijn eigen schepen' en een vrij groot aantal van zijn mannen had moeten afstaan, kon het antwoord op de tweede aan de vergadering voorgelegde „propositie" niet twijfelachtig zijn. Deze luidde: „off men onse overige crijgsmacht sal wenden na Diu benoorden, offte langs de cust offencerende afsacken na zuyden ende Ceylon." Tot het laatste werd om zeer overwegende redenen met eenparige stemmen besloten.

Indien toch de vloot voor Goa eens werd verslagen, zou een aangevangen beleg van Diu moeten worden opgebroken, om Ceylon te hulp te komen, zelfs al werden de schepen voor Goa niet geheel vernietigd. Ging men met die mogelijkheid voor oogen naar Diu, dan zou „het seeckere in perijckel gestelt ende het onseeckere bij der hant genomen" en „onse dure reputatie te ver in de waechschael gestelt" worden. Immers zouden bij een tegenslag voor Goa beide vloten, ook die voor Diu, gevaar loopen en daarmede tevens de koopvaarders van Tayoan en Malakka naar Suratte en Perzië. *)

Nu de tocht naar Diu van de baan was, bestond er geen reden meer een gedeelte van de scheepsmacht *) nog buiten de bhare uit het gezicht der vijanden te houden. Dan was het zelfs beter den vijand te toonen, met welke macht de Compagnie tegen hem optrad. Daarom zouden alle schepen van de blokkade-vloot de vier buiten liggende tegemoet zeilen om dan allen gezamenlijk terug te keeren en op kanonschot afstand van de kasteelen geankerd, tot meerder vertoon het admiraalschip met geschutsalvo s begroeten. Zoo geschiedde.

Den volgenden avond, 20 November, vertrokken onder Leonard Winnincx de fluiten Venenburgh en Oyevaer over Wingurla naar Suratte en Perzië.

') Missive van den admiraal naar Batavia 17 Maart 1658. *) Over die schepen zie boven, p. 77 vlg. 3) Salamander, Vlieland, Botterblom, Oyevaer.