is toegevoegd aan uw favorieten.

Reisbrieven uit Afrika en Azië

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

in eene familie doen zij geen dienst. Als de hedendaagsche Boeddhist in zulke gevallen een priester verlangt, dan gebruikt hij daarvoor een Brahmaan. Vroeger heette het, dat de Boeddhist-monniken de opvoeding en het onderricht van de jongens tot taak hadden en toen was er in Burma geen man, die niet een of meer van zijne jongensjaren in een monnikenklooster had doorgebracht, daar had leeren lezen in eigen taal en de Boeddhistische wijsheid had opgezogen. Sedert er echter gouvernementsscholen zijn, zenden de meeste ouders hunne jongens naar deze scholen en wordt het zedelijk verplicht verblijf in een monnikenklooster voor eiken jongen beperkt tot eenige dagen in zijn geheele leven. Als opvoeders der jeugd kunnen de priesters dus ook al niet meer beschouwd worden en hoewel de boeken van Fielding Hall, die met zooveel sympathie schrijft over het Boeddhisme, mij het mooie, poëtische in dezen godsdienst wel hebben doen gevoelen, is hij er toen niet in geslaagd mij eenige sympathie voor dit priesterdom in te blazen. Hun leven is zeer simpel, zij eten slechts eens per dag en gebruiken alleen voedsel, dat door de jonge priesters 's morgens is opgebedeld. Zoo luidt tenminste hun voorschrift, doch of daaraan strikt de hand wordt gehouden, betwijfel ik, na hetgeen ik daarvan in Ceylon zag en uit den mond van een priester vernam. Het is een vreemd gezicht als men 's morgens vóór twaalf in een der drukke straten van de Bazaar loopt en men ziet dan een lange rij Boeddhistische priesters één voor één achter elkaar loopend met een groote steenen bak op hun hoofd of om hun hals, gebeden prevelend, voorbij trekken; geen moedertje blijft dan achter haar toonbank daadloos, allen komen uit om in den steenen bak wat gekookte rijst, wat toebereide groenten, wat brood of iets dergelijks te werpen. Sommige van die kleine vrouwtjes staan reeds met hun zorgvuldig bereide gift op den rand van het trottoir te wachten, tot de monniken komen aanloopen.

Dit is niet de eenige wijze waarop een Boeddhist zijne zaligheid koopt. Als hij een rijk mensch is, dan laat hij een mooi Boeddhabeeld maken en bouwt daar een mooie pagode omheen, dat is de zekerste weg tot eeuwige gelukzaligheid. Men kan die ook verwerven door het bouwen van een klooster en als daartoe de jniddelen ontbreken door het plaatsen bij een boom of aan den voet van een berg van een kruik koel