is toegevoegd aan uw favorieten.

De Minang Kabausche nagari

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

99

Welke zaken worden

berecht? Zooals uitvoerig op bl. 92 is behandeld zyn op

strafrechtgebied alleen de rubrieken 5 en 8 aan de adatrechtspraak onderworpen gebleven.

De civfele zaken, die door den adatrechter worden behandeld, zijn wel in hoofdzaak de volgende:

a. geschillen in zake harto poesako, vooral: galar's en sawah's;

b. grondzaken ; verkoop en verpandiDg van gronden ;

c. geschillen ten aaüzien van verloving;

d. geschillen tusschen kamanakans en hun mamak.

In de geschillen gebracht onder a, c en d komt de

zaak bijna nooit verder dan de rapat nagari; in de gevallen bedoeld in rubriek b echter berust de verliezende partij gewoonlijk niet in de beslissing van den adatrechter en brengt men de zaak voor den Gouvernementsrechter in de hoop op een anlere uitspraak. Ook is het vrij a'gemeen gewoonte geworden dergelijke zaken dadelijk voor den Gouvernementsrechter te brengen, en dit is speciaal het geval in die ressorten, waar de rapat (landraad) wordt voorgezeten door een rechtskundige, niet-bestuursambtenaar; in die ressorten komen nl. meer procureurs van bedenkelijke reputatie voor, wier voordeel het is geschillen te scheppen, en die bunne zaken liever niet di mato banja\ voor het oog van velen in de nagari brengeD, doch verkiezen den Dieuweren weg te bewandelen, dien ons recht hun heefc gewezen. De rechtskundige landraadvoorzitter moet deze zaken op de hem voorgeschrevene wijze behandelen; de bestuursambtenaar echter begint met de hem bekende procureurs te wantrouwen en de zaak voor de geheele nagari te doen brengen; da&r, ten aanhoore van een ieder, moet de procureur voorzichtiger zijn met zijne listen en lagen dan tusschen vier muren, waar hij onder direkte bescherming staat van 's gouvernements justitie en politie.

Is men eenmaal aangewezen op een behandehog van een civiele zaak volgens onze rechtsbegrippen en bepalingen, dan is het gebruik maken van een procureur gewoonlijk in het belang van partijen, daar zjj, gewoon aan hun eenvoudige rechtspraak, hunne hersens onmogelijk kunnen plooien naar de ingewikkelde, dikwijls wonderlijke wendingen van onzen >weg in rechten".

Voorai het feit, dat door het verzuim van formaliteiten, of door het niet volgen van een vorm een proces onherroepelijk verloren kan wordeD, boezemt den kampoengman—en hem niet alleen—een geheim* giuaige vresü ia; geea woeder, waan