is toegevoegd aan je favorieten.

Radio-telegrafie in de tropen

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

maand voorkomende uiterste (hoogste en laagste) waarden zijn gegeven). Duidelijk is dus de grillige veranderlijkheid ten opzichte van het daggemiddelde gedemonstreerd, eene grilligheid die grootendeels aan atmosferische invloeden op de onderste lagen is te danken.

Anderdeels bleek de sterkte over het geheele jaar sterk veranderlijk en wel in vaststaand verband met de moessons.

Wat deze dagelijksche afwijking van het gemiddelde betreft, waarbij de vorm van het algemeen verloop echter gewoonlijk niet wordt aangetast, zoo is gebleken, dat de luchtstoringen gewoonlijk boven het gemiddelde stegen, indien zware bewolking en sterke wind samenvielen, terwijl zeer lage dagwaarden ten opzichte van het gemiddelde werden verkregen voor helderen hemel bij weinig wind; klimatologische invloeden der onderste lagen dus. Vermoedelijk is dit ook gedeeltelijk toe te schrijven aan gelijktijdig optredende

storingen der 1 e categorie.

Wat het jaarlijksche verloop betreft, bleek de windrichting en kracht, niet de vochtigheid daarvan oorzaak.

Inderdaad schijnt gedurende den Westmoesson de electrische lading van de onderste lagen een maximum te bereiken, naar de Directeur van het Meteorologisch Observatorium mij mededeelde ; zulks wordt ook eenigszins gedemonstreerd door de merkjes ? en ? op fig. 17, die aangeven op welke dagen onweer, dan wel onoverkomelijk hevige luchtstoringen (4V,—5) gewoonlijk in onweer overgaand (dus van de Ie categorie) optraden; de lengte der streepjes is een maat voor den geobserveerden duur.

We zien dus nu uit de figuur 16, dat de eigenlijke onweders ° worden voorafgegaan door luchtstoringen 4 s—3 x en wel op alle drie stations in de kentering voorafgaande aan den Westmoesson. Ambon moet hierbij niet te kritisch