is toegevoegd aan uw favorieten.

Borneo-expeditie

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

noordhelling van den Liang-Agang (pag. 60, fig. 20) blijkt, dat op den zuiveren zandsteen (e), die bijna uitsluitend kwartskorrels, een weinig klei, kooldeeltjes en fijne muscovietblaadjes bevat, een zandsteen (f) is afgezet, die aschdeeltjes en stukjes tuf bevatte. De vulkanische erupties hadden dus toen op eenigen afstand plaats en door het water werden daarvan afkomstige stoffen hierheen gevoerd. De vulkanische afzettingen wonnen intusschen voortdurend veld, zooals uit het toenemend gehalte van den zandsteen aan vulkanisch materiaal volgt, en eindelijk bedekten de tufstroomen (h) zelve, die het geheele bovenste gedeelte van den Liang-Agang boven 160 M. vormen, de zandsteenafzettingen. Dat de periode van vulkanische werkzaamheid lang duurde en voor iedere plaats afzonderlijk door langdurige tusschenpoozen van rust werd gekenmerkt, blijkt hieruit, dat talrijke stamstukken zelfs in de hoogst gelegen tuflagen zijn ingesloten. De rechtop in de tuf staande stammen, zooals ik die in de Hertengrot op den Liang-Agang (zie fig. 22) vond, bewijzen verder, dat gedurende zulk een rustperiode een woud zich op het toenmalige tufplateau heeft ontwikkeld, dat later bij hernieuwde vulkanische werkzaamheid weder onder een tufstroom is begraven. Aanvankelijk vormde het door de tufstroomen bedekte terrein zeer waarschijnlijk een samenhangend geheel, een plateauland, dat aanzienlijk hooger dan de Kapoewas-vlakte lag. De rivieren, die van dit hooge land afstroomden, hebben zich echter later reeds diepe erosie-dalen gegraven. Daardoor is vooral in de naar de Kapoewas-vlakte toegekeerde zijde het karakter van plateau-land verloren gegaan, en is een grootsch bergland geschapen. De bergen zelve zijn de deelen van het oorspronkelijk plateau, die tot nu toe aan de wegvoering door erosie zijn ontsnapt en als pijlers in veelzijdige, dikwijls zeer grillige vormen zich tusschen de diepe erosie-dalen verheffen. In hoofdzaak is de richting dier dalen loodrecht op de grenslijn van het vulkanische terrein met de Kapoewas-vlakte, m. a. w. het water heeft in het algemeen den kortsten weg genomen naar het Kapoewas-dal. Daardoor is het plateau-land, zooals dit zeer voor-