is toegevoegd aan uw favorieten.

Borneo-expeditie

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

„gossan" zoo men wil, van strekkende gangen van ijzerhoudende ertsen, die concordant tusschen de lagen kiezellei liggen en bovendien, zoowel breede als smalle spleten in dit gesteente vullend, hier en daar hoekige stukken van kiezellei omsluiten. In het heuvelland van Sëmitau, dat overeenkomstigen geologischen bouw bezit, nam ik dezelfde verhouding tusschen de kiezellei en het ijzererts in de sterk geplooide lagen herhaaldelijk waar.

Ongeveer halverwege Pangkalan Pësaja en Na. Badau volgt, goed ontbloot in een beekje, een rechterzij takje van de Boenoet, met Str. O 5 Z en in nagenoeg vertikalen stand, een gesteente (I 706, 707), dat in het meerengebied en aan de Boven-Kapoewas een groote rol speelt. Het is groen-grijs van kleur, taai doch splinterig en onduidelijk gelaagd. Het gesteente ziet er door lichter grijze plekken gevlamd uit en veelal is het door talrijke witte kwartsaderen doorzet, waardoor niet zelden breccie-karakter ontstaat. Meestal is serpentijn in de kliefvlakken opgehoopt, zoodat men zelden een stuk zal kunnen doorslaan, zonder hier of daar de karakteristieke breuk van serpentijn-gesteenten te zien verschijnen. Dit gesteente is ontstaan door ontleding en verkiezeling, gepaard met dynamometamorphose, van diabaas-tuf, ten deele ook van diabaas en diabaas-porphyriet. De diabaas-tuf gaat hier en daar over in een tufbreccie, waarin nu eens het fijne tufcement, dan weder de talrijke, dikwijls veelsoortige, ingesloten steenstukken meer op den voorgrond treden. Ik wil dit karakteristieke gesteente het Poelau-Mëlaioe-gesteente noemen, omdat het eilandje van dien naam er geheel uit is opgebouwd en verwarring dus uitgesloten is. Bovendien is het gesteente daar gemakkelijk in flinke frissche stukken te verkrijgen. In de nabijheid van Na Badau treedt weder brokkelige kiezellei op, waarvan de ligging in het aldaar ongeveer 6 Meter diep ingesneden dal van de Sei Boenoet over een grooten afstand goed zichtbaar is. De heerschende strekking is hier Oost-West met zeer steile helling naar het Noorden.

Te 11 uur v.m. bereikte ik Nanga Badau, waar ik'door den aspirant-controleur Spaan zeer vriendelijk en gastvrij werd