is toegevoegd aan uw favorieten.

Leerboek der plantkunde voor Nederlandsch-Indië

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Ook de Setjang (Fig. 4) die, wanneer zij als heester in de volle zon groeit, niet de minste neiging toont om te klimmen,

kan zich, wanneer

zij op een beschaduwde standplaats voorkomt, zeer ver omhoog werken. Andere soorten van hetzelfde geslacht Caesalpinia en van verwante geslachten groeien altijd als klimplant. Bij vele dergelijke Stekelklimmers zijn niet alleen de stengels maar ook de bladstelen met talrijke, scherpe, met de punten naar beneden gerichte stekels bezet.

In verscheidene gevallen komen schuin naar beneden gerichte stekels of dorens ook voor bij planten die al min of meer winden, zooals bij de klimmende Aspergesoorten en bij sommige Dioscorea's (oebis). In enkele gevallen komen ranken en schuin naar bene¬

den gerichte stekels

te zamen voor en ondersteunen elkander wederkeerig, zooals bij verscheidene Smilax soorten (Fig. 177).

Bij eenige haakklimmers komen lange, tamelijk stevige, maar toch buigzame, met stekels of dorens gewapende organen voor,

Fig. 179. Bladranken die, daar waar zij iets vastgrepen, sterk in de dikte groeien. (Bignoniacee uit het Zuid-Amerikaansche oerwoud.)