is toegevoegd aan uw favorieten.

Handleiding voor den dienst der accijnzen in Nederlandsch-Indië met den tekst der op de accijnsenheffing betrekking hebbende algemeene verordeningen

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

(5) Het Hoofd van gewestelijk bestuur is bevoegd op verzoek van belanghebbenden de akte van vrijdom te wijzigen, behoudens dat verandering in de aanwijzing van de petroleumfabriek of de bergplaats alleen mag geschieden binnen de grenzen van het ressort van hetzelfde accijnskantoor. Bij het verzoek om wijziging wordt eene nadere aangifte gevoegd op den voet van artikel 2 dezer ordonnantie.

(6) In geval de aanwijzing van eene andere, buiten het ressort van het aangewezen accijnskantoor gelegen petroleumfabriek of bergplaats wordt verlangd, wordt c. q. eene nieuwe akte van vrijdom verleend.

(7) In geval van misbruik of van niet-nakoming der opgelegde verplichtingen kan, onverminderd het beloopen van straf, het Hoofd van gewestelijk bestuur den vrijdom intrekken.

(8) Van de beslissingen van het Hoofd van gewestelijk bestuur op grond van dit artikel is hooger beroep bij den Directeur van Financiën toegelaten. Aan de beslissing van dien Departementschef wordt door het Hoofd van gewestelijk bestuur uitvoering gegeven.

Art. 4. (1) Van elke verleende akte van vrijdom wordt door het Hoofd van gewestelijk bestuur een afschrift gezonden aan den Ontvanger van het betrokken accijnskantoor, aan wien tevens van wijzigingen der akte zoo spoedig mogelijk mededeeling wordt gedaan.

(2) Deze ontvanger opent een rekening voor iederen ondernemer of beheerder van eene onderneming of bedrijf, die eene akte van vrijdom bekomen heeft, met dien verstande dat, wanneer aan zoodanigen ondernemer of beheerder meer dan één akte van vrijdom is verleend, ten aanzien van elke akte eene afzonderlijke rekening wordt aangehouden. In die rekening wordt aanteekening gehouden van de hoeveelheid petroleum, welke ten hoogste gedurende het tijdvak, waarop de akte betrekking heeft, mag worden ingeslagen, en van de hoeveelheden petroleum, welke geleidelijk worden ingeslagen.

(3) De Ontvanger draagt zorg dat de maximum hoeveelheid niet worde overschreden.

Art. 5. (1) De akte van vrijdom vervalt:

le. bij het intrekken van den vrijdom krachtens alinea 7 van artikel 3 dezer ordonnantie;