is toegevoegd aan uw favorieten.

Handleiding voor den dienst der accijnzen in Nederlandsch-Indië met den tekst der op de accijnsenheffing betrekking hebbende algemeene verordeningen

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

De Directeur van Financiën kan, op door hem gestelde voorwaarden, vergunnen, dat ook elders bergplaatsen worden toegelaten.

Art. 7. Boven den naar den openbaren weg gekeerden ingang eener bergplaats wordt een opschrift geplaatst, houdende in duidelijk zichtbare letters, in olieverf, de woorden „Bergplaats voor lucifers", benevens den naam van den handelaar of de firma.

HOOFDSTUK IV.

Krediet en aansprakelijkheid. Zekerheidstelling.

Art. 8. Aan handelaars wordt, onder voldoende zekerheidstelling, krediet verleend voor den accijns van de lucifers, die in hunne bergplaatsen voorhanden zijn.

Art. 9. De handelaar is aansprakelijk voor het bedrag van den accijns, waarvoor hij, overeenkomstig de bepalingen dezer ordonnantie, in rekening wordt aangeslagen.

De handelaar is mede aansprakelijk, en de door hem gestelde zekerheid blijft verbonden, voor het bedrag van den accijns, verschuldigd wegens elke hoeveelheid lucifers, uitgeslagen met bestemming ten uitvoer, doorvoer of vervoer naar een elders gelegen bergplaats, totdat ten kantore van den ontvanger ter plaatse van uitslag het bewijs is ontvangen, dat de uitvoer, doorvoer of opslag naar behooren is geschied, of wel de verschuldigde accijns is voldaan.

Deze aansprakelijkheid geldt ook voor den accijns wegens minderheden en de hoeveelheden, uitgeslagen overeenkomstig artikel 18 dezer ordonnantie.

Art. 10. • De zekerheid kan gesteld worden door:

a. deponeeren van geld;

b. verband van vaste goederen; of

c. borgtocht.

Art. 11. Hij, die de eerste soort van zekerheid wenscht te stellen, deponeert het gevorderd bedrag, tegen bewijs, ten kantore van den ontvanger.

Er wordt geene rente of vergoeding wegens het gedeponeerd bedrag uitgekeerd.