is toegevoegd aan je favorieten.

Wenken met betrekking tot het onderhoud van grintwegen

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

WENKEN

MET BETREKKING TOT

HET ONDERHOUD VAN GRINTWEGEN.

Tot de grintwegen wordt gerekend die wegen te belhoren waarvan de verharding, afgezien van de eventueel

aanwezige onderlaag, bestaat geheel uit grint, uit grint en stukgeslagen rivier-, berg- of koraalsteen, dan wel uitsluitend uit eene der laatstgenoemde drie soorten

van materiaal.

De verharding kan worden onderscheiden in:

a. een deklaag, zijnde het gedeelte dat zonder bezwaar voor de vastheid van den weg door het verkeer kan

worden afgesleten;

b. de onderlaag (of het ballastbed), strekkende om de op de deklaag uitgeoefende wieldruk over een voldoend groot oppervlak van den ondergrond over te brengen.

Uit den aard van haar strekking dient de deklaag vast, effen en hard te zijn en zoo weinig mogelijk water door te laten.

De onderlaag waarvan de zwaarte afhankelijk is van de vastheid van den ondergrond en den aard van liet verkeer, dient uiteraard zooveel mogelijk gelegenheid te geven tot afstrooming van het door de deklaag heen dringende water, terwijl evenzoo het aarden bed goed

afwaterend moet liggen.

Indien de ondergrond bijzonder vast is kan de onderlaag worden weggelaten. Dit is mede het geval bij landwegen waarlangs het verkeer licht en niet druk is Bij die wegen kan derhalve worden volstaan met op.