is toegevoegd aan uw favorieten.

Voorschriften betreffende de comptabiliteit in Nederlandsch-Indië

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

De vorm van de aanteekening door de Rekenkamer op de bewijzen van verevening te stellen, wordt door den Gouverneur-Generaal bepaald. (Zie Bijblad No. 5518).

Art. 30. De uitgaven, niet vóór de betaling aan het onderzoek der Algemeene Rekenkamer onderworpen, worden door haar onderzocht, naar aanleiding van de duplicaat-ordonnantiën en mandaten, met de bewijsstukken haar toegezonden door de Hoofden der departementen van algemeen bestuur en bij goedkeuring door haar geboekt.

Zij geeft van hare goedkeuring kennis aan het departement door terugzending van de aanvraag tot boeking en van een exemplaar der met de duplicaten toegezonden lijsten, nadat de aanvraag van eene verklaring, volgens een door den Gouverneur-Generaal vast te stellen model, is voorzien en de nummers der boeking zijn aangeteekend. (Zie Bijblad No. 5518.)

De stukken betreffende de in de lijsten voorkomende uitgaven, waartegen bezwaar bestaat, worden teruggezonden met eene nota van bedenkingen.

Geldt de bedenking het aangewezen artikel der begrooting, dan wordt aangegeven onder welk artikel de uitgaaf naar het oordeel der Kamer valt.

Wordt aan de aanmerking der Rekenkamer, hetzij omtrent de uitgaaf zelve, hetzij omtrent het artikel geen gevolg gegeven, en blijkt niet dat aan de bij artikel 35, sub a, b en c gestelde eischen niet is voldaan, dan worden de uitgaven bij terugontvangst der stukken desniettemin geboekt, en wel op het artikel, door het Hoofd van het betrokken departement aangewezen, behoudens aanteekening ook bij het artikel, dat naar de meening der Rekenkamer belast moest zijn.

De stukken betrekkelijk de geboekte uitgaven blijven bij de Rekenkamer berusten, voorzien van een kenmerk van het gemaakt gebruik.