is toegevoegd aan uw favorieten.

Voorschriften betreffende de comptabiliteit in Nederlandsch-Indië

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Overschrijding van het maximum-bedrag bedoeld in het tweede lid van artikel 45 der Comptabiliteitswet of zelfs van het geheele begrootingsartikel is geene reden om de in dit artikel bedoelde uitgaven niet te boeken; evenmin het verzuim van inzending van eene duplicaat-ordonnantie of mandaat, wanneer het oorspronkelijk stuk te recht uitbetaald en onder de bewijsstukken aanwezig is.

De uitgaven, waarvoor geen ordonnantiën of mandaten behoeven te worden afgegeven, worden geboekt uit de bewijzen van die uitgaven.

Art. 31. Wanneer fondsen, bij de begrooting uitgetrokken voor een departement of een tak van dienst, moeten worden te goed geschreven, tegen gelijktijdige belasting van die voor een ander departement of een anderen tak van dienst uitgetrokken, geschiedt een en ander op gezamenlijke aanvraag van de beide departementen» of op aanvraag van het betrokken departement, vergezeld van de noodige bewijsstukken. De in dit artikel bedoelde aanvragen worden behandeld overeenkomstig artikel 29.

Art. 32. Wanneer de Algemeene Rekenkamer zich niet met de aanwijzing van een begrootingsartikel vereenigd heeft, doch de boeking niettemin plaats had, zal de overboeking op het vroeger door de Rekenkamer aangewezen artikel geschieden op vordering van het departement van algemeen bestuur.

Van het nummer der nieuwe boeking geeft de Kamer bericht aan bedoeld departement.

Art. 33. De Algemeene Rekenkamer houdt boek van de, blijkens bij haar ingekomen stukken verleende voorschotten en verstrekte sommen te goeder rekening en teekent de terugbetaling of verrekening daarbij aan.