is toegevoegd aan je favorieten.

Het landgerecht-reglement of Het reglement op de strafvordering voor de landgerechten op Java en Madoera zoomede verschillende andere bepalingen betreffende de rechtspleging bij de landgerechten op Java en Madoera, zooals die luiden ingevolge de tot op heden daarin aangebrachte wijzigingen, met alphabetisch register

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Artikel 75. 1) De Fiscaal-Griffier, de beklaagde, diens gemachtigde en de verdediger hebben het recht den rechter te wraken.

2) De wraking wordt, op straffe van verval van het recht daartoe, terstond na de in het eerste lid van artikel 8 bedoelde vragen mondeling of schriftelijk voorgedragen, met opgave van alle redenen, die tot wraking aanleiding geven. Indien deze redenen eerst in den loop der zitting ontstaan zijn of aan den, wrakende partij bekend zijn geworden, zal de wraking ook in den loop van het onderzoek ter terechtzitting kunnen worden voorgedragen.

3) Dadelijk na de wraking schorst de rechter de terechtzitting en zendt hij de akte van wraking of het van de mondelinge voordracht daarvan door den FiscaalGriffier opgemaakte proces-verbaal met den meesten spoed aan den Officier van Justitie, binnen wiens ressort het Landgerecht gevestigd is. die de stukken binnen drie dagen na ontvangst met zijn conclusie aan den Raad van Justitie inzendt, welke binnen zes dagen daarna uitspraak doet. (R. O. llónovies.)

4) Deze inzending heeft niet plaats, indien de rechter in de voorgestelde wraking berust. (Rv. 34, 322.)

Artikel 76. Indien de verdediging van den beklaagde een geschilpunt van burgerlijk recht betreft en door hem voldoende gronden worden aangevoerd om zijn vermeend recht waarschijnlijk te maken, schorst de rechter, wanneer hij de strafbaarheid van het feit als afhankelijk beschouwt van de beslissing van zoodanig rechtspunt, de rechtsvervolging met of zonder tijdsbepaling. (L. 68.)

Artikel 77. 1.) Wanneer op een overtreding geen zwaardere straf is gesteld dan een enkele geldboete met of zonder verbeurdverklaring, kan de verdachte of beklaagde de rechtsvervolging voorkomen door met betaling van alle gemaakte rechtskosten, vrijwillig te voldoen het maximum van die boete en, ingeval van bedreigde verbeurdverklaring, door bij notarieele of voor den Fiscaal-Griffier opgemaakte akte te verklaren in de verbeurdverklaring te berusten. (B.W. 1868; I. R. 168.)

2.) Zoowel de boete als de aan verbeurdverklaring onderworpen voorwerpen kunnen aan den tot de ontvangst bevoegden ambtenaar niet anders worden voldaan of algegeven dan op schriftelijke machtiging van den rechter, aan wien de quitantie van den tot de ontvangst bevoegden ambtenaar door den verdachte of beklaagde moet worden overgebracht binnen den tijd bij de machtiging te bepalen.

3). Van de den beklaagde bij dit artikel gegeven bevoegdheid wordt hem mededeeling gedaan bij de oproeping, bedoeld in artikel 5, (Stb. 1917 no. 323 art. II, 19°.)

4.) Het hiervoren bepaalde brengt geen verandering te weeg in de bevoegdheid tot het aangaan van transactiën in de gevallen, waarin de wettelijke verordeningen die veroorloven. (R. R. 31.)

Artikel 78. 1.) De Gouverneur-Generaal kan nimmer als getuige op een terechtzitting van het Landgerecht worden opgeroepen.

2.) Wanneer de getuigenis van den Gouverneur-Generaal noodzakelijk is, zal deze, na daartoe schriftelijk verzocht te zijn, den Landrechter met den FiscaalGriffier bij zich toelaten, teneinde den Landrechter in de gelegenheid te stellen hem onder eede of belofte te hooren en van dat verhoor proces-verbaal op te maken.