is toegevoegd aan uw favorieten.

Reglementen op de pensioenen, verloven, vrije overtocht, wachtgelden, nonactiviteits-traktementen, ... voor Europeesche Oost-Indische ambtenaren

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

door eene lagere autoriteit is geweigerd, kan de betrokkene zich om herziening van de genomen beslissing tot den GouverneurGeneraal wenden.

Art. 6.

1. Ingeval dringende omstandigheden verbieden te verwijlen, totdat door de bevoegde autoriteit op een verzoek om verlof is beschikt, kan de hoogste plaatselijke bestuursambtenaar toestaan dat, in afwachting van die beschikking, van het gevraagd verlof worde gebruik gemaakt.

2. Yan deze vergunning — aan welke geen aanspraken zijn te ontleenen ten aanzien van de beslissing op de aanvraag om verlof — wordt onverwijld mededeeling gedaan aan de autoriteit, tot welker bevoegdheid het verleenen van verlof behoort.

Art. 7.

1. De naaste chef van den verlofganger houdt aanteekening van den dag waarop deze begonnen is:

a. van het verlof gebruik te maken;

b. zijne ambtsplichten weder uit te oefenen.

2. Over den tijd, waarmede het verlof is overschreden, wordt geen traktement genoten. Het daarvoor ontvangene, berekend naar verhouding tot het aantal dagen der maand, wordt in 's Lands kas teruggestort.

3. Indien billijkheidshalve daartoe termen bestaan, kan echter de autoriteit, die het overschreden verlof heeft verleend, onafhankelijk van het bepaalde bij art. 3, dit verlengen tot den dag, waarop de betrokken landsdienaar is begonnen zijne ambtsplichten weder uit te oefenen.