Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Met den aanvang van 1890 begint een geheel nieuw tijdperk in de geschiedenis onzer Vereeniging.

Het is het jaar der reorganisatie.

De voorzitter had met het oog op de uitbreiding een belangrijke Statutenwijziging voorgesteld. Hij zelf wilde meer op den achtergrond treden. Want tot de N. C. G. O. V. behoorden nu tal van kloeke mannen, die den arbeid konden voortzetten.

Zoo had dan Ds. Adama van Scheltema voorgesteld dat het Hoofdbestuur voortaan zou bestaan uit vijftien leden, zoo veel mogelijk uit alle deelen van het land gekozen en dat uit hun midden een Dagelijksch Bestuur zou worden benoemd. Ook de uitgave van geschriften moest worden geregeld door de benoeming van een Commissie van Redactie. Voorts zou den afdeelingen meer invloed gegeven worden op den gang der zaken. En bovendien

zou de gelegenheid worden geopend voor het stichten van algemeene G. O. Vrouwen-, Kinder-, Jongelings- en Jongedochtersvereenigingen.

Den 28ste» Januari 1890 werd te Amsterdam een buitengewone Algemeene Vergadering gehouden, waarin de voorgestelde Statutenwijzigingen werden aangenomen.

Het nieuwe Hoofdbestuur werd gekozen, En dit aanvaardde — toen 20 Maart de nieuwe Statuten koninklijk waren goedgekeurd — zijn veelomvattende taak. Ds. Adama van Scheltema werd eere-voorzitter. De Commissie van Dagelijksch Bestuur werd aldus samengesteld: Ds. Heinecken, voorzitter; Ds. A. H. Roóse, secretaris; Overste G. van Herwaarden, penningmeester; Mr. J. M. Hooo en J. M. Heijbrock.

Ook werd een Commissie van Redactie gekozen, bestaande uit Ds. Adama van Scheltema, Mr. Hooo en Ds. Roose.

Was er in de laatste jaren een streven op te merken, om de vereeniging nauwer aan Amsterdam te verbinden, waren tot heden toe al de algemeene vergaderingen in de hoofdstad gehouden, nu werd de zetel der vereeniging naar de hofstad verlegd en in's Gravenhage de (gewone) algemeene vergadering van 1890 gehouden.

In deze vergadering was het, dat voor het eerst het twistpunt werd aangeroerd, dat een jaar later de aanleiding zou zijn tot scheuring. Het was de oude strijd uit de gemeenten van Galatië: wet of vrijheid. Bij het oprichten der Vereeniging had men zich geplaatst op het doorPaulus verdedigde standpunt. Nu nog wilde geen van

de voormannen aan een der broeders een juk opleggen Maar de Haarlemsche afdeeling meende den eersten stap. te móeten zetten op den weg van het: «gebod op gebod, regel op regel«. Zij nam namelijk in haar reglement de bepaling op: niet drinken, niet schenken. En toen het Hoofdbestuur weigerde het veranderde reglement goed te keuren, en een voorstel dienaangaande van de agenda der Algemeene Vergadering weerde, scheidde Haarlem zich af en de Nederlandse/te Christen Geheelonthouders Bond werd gesticht.

Gelukkig is van het jaar 1891 nog wel iets beters mede te deelen.

Vooreerst, dat het toen reeds bleek, hoe goed Ds. Adama van Scheltema gezien had, toen hij de reorganisatie voorstelde. In het begin van 1890 waren er twaalf afdeelingen. En op de algemeene vergadering, 8 October 1891 te Utrecht gehouden, konden er twee en dertig vermeld worden

Ook was de jeugdige Commissie van Redactie moedig aan den arbeid getogen. Voor hare rekening kwam nu in de eerste plaats De Stem der Liefde. Wat heeft zij ge¬

werkt, om het aantal inteekenaars te doen stijgen. In acht maanden klom het van 200 op 330. En weer een jaar later waren er 458. Ook traktaatjes werden door de Commissie de wereld ingezonden. En laat ons den Almanak niet vergeten. De eerste jaargang verscheen in 1891. Daarvan werden 4000 exemplaren geplaatst.

Daar evenwel in weerwil van den vooruitgang het orgaan een aanzienlijk tekort bleef opleveren, achtte Ds. Adama van Scheltema het verkieslijker, dat een particulier uitgever zich belastte met het in 't licht geven der bladen en geschriften. In Th. J. Kousbroek vond hij den man, dien hij zocht. Bij hem verscheen in November 1891 het weekblad De Wereldstrijd. En toen dit 1 Mei 1892 orgaan der vereeniging werd, hield De Stem der Liefde od te bestaan.

Ds. Roose en Mr. Hooo meenden thans uit de Commissie van Redactie te moeten uittreden. In hunne plaats kwamen Prof. Valeton en

Ds. C. Beets.

Van het allergrootste belang was in dit zelfde jaar 1892 het op¬

treden van Ds. John van Burk als afgevaardigde van het Hoofdbe stuur, reizend spreker der N. C. G. O. V. Reeds in 1887 had Prof. Valeton de wenschelijkheid betoogd van de aanstelling van een reizend agent. In beginsel werd toen zijn voorstel aangenomen. Geld

gebrek verhinder- Ds john van Burk.

de echter de uitvoering ervan. In 1891 te Utrecht deed de afdeeling 's Gravenhage hetzelfde voorstel en de Algemeene Vergadering nam het aan, op voorwaarde dat de middelen ervoor gevonden konden worden. Toen geschiedde het, dat in een vergadering van het Hoofdbestuur Dr. Brants de aandacht vestigde op Ds. J. van Burk uit Oberlin in Amerika, toen in Nederland werkzaam vnnrrl?

Christelijke Jongelingsvereenigingen. Het Hoofdbestuur I trad met hem in onderhandeling. En de uitslag was, dat hij den l*en April 1892 als afgevaardigde van het Hoofdbestuur optrad. Op vele plaatsen voerde hij het woord Bestaande afdeelingen werden door zijne bezielende taal opgewekt en versterkt. Nieuwe afdeelingen werden door /jem gesticht o. a. te Heerenveen, Nijmegen, Velp, Workum» Woudsend en Zeist. Een jaar lang arbeidde hij voor de N. C. G. O. V. In April 1893 keerde hij naar Amerika terug.

Inmiddels was de uitgever Kousbroek begonnen, behalve De Wereldstrijd, allerlei geschriften, tractaten en brochures te doen verschijnen. De Geloofs- en Strijdzangen, die in October 1892 voor 'teerst het licht zagen, mogen met name genoemd worden. Zij kwamen het werk zeer ten goede-

De Commissie van Redactie zat echter ook niet stil. In 1893 begon Prof. Valeton namens de N. C. G. O. V. De Baanbreker en de bekende Maandblaadjes uit te geven. De arbeid werd toen in dier voege gesplitst, dat hij in dit wetenschappelijk tijdschrift zich zou uitspreken, terwijl Ds. Adama

Sluiten