is toegevoegd aan uw favorieten.

Kiekjes uit de Soendalanden

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

AANKOMST IN EEN VREEMD LAND

Zooals ik reeds zeide, waren we eindelijk in het vreemde land aangekomen! Wat was het warm! We gevoelden het in den eersten tijd nog wel niet zoo erg, maar later begrepen wij wel, dat het heusch toch nog wat anders is daar in Batavia en daar op Tandjoeng-Pri joek, dan 's zomers, als 't eens erg warm is in Holland. Maar is het er warm, 't is er mooi ook. Dat merkten we terstond, toen wij met den trein naar Batavia gingen. Wij hadden wel eens palmen gezien, maar alleen 's zomers in den tuin van een buitenplaats of in de serre's van den dierentuin in Amsterdam of Rotterdam, maar zóóveel als we nu zagen, neen, nooit hadden we kunnen denken, dat er zóóveel van die mooie planten zoo maar in 't wild groeiden. Want de palmen, die we nu zagen, waren nipa palmen, die in het moeras, dat aan de zijde der spoorbaan zich uitstrekt, groeiden. We zouden er wel een paar hebben willen meenemen, maar dat ging niet; ze zouden toch niet hebben willen groeien als we ze in een pot of een kuip hadden over geplant. De menschen, die met ons in den trein zaten, keken natuurlijk niet eens naar wat ons zoo verrukte. Zij