is toegevoegd aan uw favorieten.

Napoleon

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

geloofd, toen zij de proclamatie lazen, welke hij op den 16n September 1797 aan de zeelieden der vloot van den admiraal Brueyx richtte, en waarin hij, na de overwinning van het uitvoerend bewind op ,,de verraders en uitgewekenen, die zich van de nationale tribune hadden meester gemaakt," te hebben geroemd, tot deze dappere lieden zeide: „Zonder ulieden kunnen wij den roem van den Franschen naam slechts in een kleinen hoek van Europa staande houden; met ulieden zullen wij over zee gaan en de vlag der Republiek in de afgelegenste landen planten."

Om dit reusachtig ontwerp te verwezenlijken, moest hij tevoren den vrede in Europa sluiten. Oostenrijk, welks op eene inwendige omwenteling van Frankrijk steunende verwachtingen, door den 18n Fructidor verijdeld geworden waren, had niet meer dezelfde beweegredenen, om den gang der onderhandelingen te vertragen; doch het uitvoerend bewind, opgeblazen door zqne behaalde overwinning op de Koningsgezinden, de bondgenooten des keizers, legde thans oorlogszuchtige oogmerken aan den dag. „Men behoeft Oostenrijk niet meer te ontzien," schreef het aan Bonaparte, „deze verstandhouding met de samengezworenen in het binnenste van Frankrijk is zeer blijkbaar." Deze krijgszuchtige voorschriften kwamen ondertusschen niet met de inzichten van den opperbevelhebber overeen. De aannadering van den winter bewoog hem om het sluiten van den vrede te bespoedigen. „Er wordt meer dan eene maand vereischt,' zeide hij tot zijnen secretaris, „eer de legers van den Rijn mij ondersteunen kunnen, indien zij overigens daartoe in staat zijn, maar reeds binnen veertien dagen zal de sneeuw alle wegen en doortochten belemmeren. Het moet tot een einde gebracht worden en ik zal dus den vrede sluiten. Venetië behoort de oorlogskosten en de grenzen van den Rijn goed te maken. Het uitvoerend bewind en de advokaten mogen daarvan zeggen wat zij willen."