is toegevoegd aan uw favorieten.

Onthullingen uit de vrouwenkampen in Zuid-Afrika

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

dagen, toen de troepen haar uit haar woning verdreven. Zij was toen zeer zwak en kon het kind niet verzorgen, want gelijk alle kinderen hier, werd de kleine met ezelinnenmelk groot gebracht. Zij verklaarde dit aan den generaal en deze zeide, dat een der ezelinnen haar volgen moest, 't geen dan ook gebeurde. Zij kwam met korte dagreizen te Kimberley aan en de ezelin maakte de reis mede. Maar toen zij eenmaal in het kamp was aangekomen, verdween het dier. Men wilde noch kon ze haar teruggeven. Het kind werd zwak en kwijnde weg. Vrienden uit Kimberley trachtten alles te doen, wat in hun vermogen was. Zij gaven koemelk, gecondenseerde melk, niets kon de verdwenen voedster vervangen. Het was een krachtig, gezond, lief kind en het verkwijnde tot vel over been. Ten laatste kwam de controleur in het kamp, de moeder beriep zich op hem en toonde hem haar stervenden lieveling. Toen kwam de ezelin plotseling weer voor den dag, maar te laat. Het kind was zoo verzwakt, dat het niet nieer kon herstellen. Wij beproefden alles om het te redden, maar 't stierf vandaag, nauwelijks drie maanden oud. 't Was zoo'n bevallig, lief kindje. De smart der moeder wordt algemeen geëerbiedigd, men voelt diep medelijden met haar. Het leefde dezen morgen nog; toen ik ze in den namiddag bezocht was de kleine reeds gestorven. Daar lag het onschuldige kleine ding met een witte bloem tusschen de teedere waschachtige handjes. Mij schijnt het een vermoorde onschuld toe. En een uur of twee daarna stierf nog een ander kind.

Een vreeselijk kwaad voor deze arme ongelukkigen is de dauw. Deze is zoo zwaar, dat hij door het zeildoek der tenten heendringt en alles doorweekt. De nacht, dien ik te Norvals Pont doorbracht, sliep ik in een tent met dubbele bedekking, maar mijn kleederen waren door en door vochtig en deze arme menschen moeten hun geheel van 't nat verzadigde kleeren dag aan dag weer opnieuw aandoen. Eiken morgen zijn de ingangen behangen met dekens en vodden, die naar buiten werden gebracht om in de zon te drogen. De dokter vertelde mij vandaag, dat hij deze tenten ten hoogste afkeurde als verblijf voor jonge kinderen en verwachtte een zeer hooge sterfte onder hen in de maand Juni. Ik ben van plan eenige rouwstoffen te koopen voor deze beroofde moeder. Denk niet, dat dit dwaas en buitensporig is. Gij zoudt, indien gij deze menschen kende en hoeveel ze aan uiterlijke rouw hechten, mij toestemmen, dat dit den besten weg is, om mijn medegevoel te toonen. Zij heeft behoefte aan kleeren en haar geschenk, dat ze van Engeland ontvangt, zal zwart zijn in plaats van gekleurd.

15 Maart.

Vandaag kreeg de moeder zwarte kleeren (al de hare zijn verbrand) en zij deed ze aan. Ean ander kind was dien nacht gestorven en ik vond thans drie lijkjes. Ze werden gephotographeerd, om aan de vaders, die afwezig waren, ten minste het portret van hun kinderen te laten zien. Twee wit houten doodkistjes wachtten aan de poort, doch een derde ontbrak. Ik was blij, dat ze er waren, want te Springfontein had ik een jonge vrouw in een zak zien begraven en zoo iets doet de harten te pijnlijk aan.

16 Maart.

Vandaag kocht en schonk ik eenige kleederen en kammen; ook zeep en handdoeken aan de vrouwen, die getracht hadden weg te loopen. Zij zijn natuurlijk in ongenade en ik had medelijden met haar, zoodat we lang spraken en ik ben er zeker van, dat het beste, 't welk wij doen kunnen, is haar een weinig genot te schenken.

In elk geval zijn deze moeders gescheiden van hun kinderen, wanhopig verlangen zij hen te zien. Ik vertelde haar, dat ik in haar plaats ook zou getracht hebben te ontkomen, ofschoon ik volkomen zeker was, dat het mij niet gelukt zou zijn en ik zei, dat ik niet geloofde, dat zij zeer verstandig hadden gedaan en raadde haar, het niet weer te probeeren. Ik verbeeld mij ze een weinig zachter te hebben gestemd en gerustgesteld, zoodat zij niet meer zullen trachten te ontkomen, maar zullen wachten, tot ze eenige tijding van haar kinderen bekomen.

Vandaag heb ik de commissie ontmoet, die al reeds getracht had, de ellende in het kamp te verminderen. Zij werkt thans in dezelfde richting als ik doe, zonder op godsdienstige of politieke beginselen te letten. Natuurlijk bestaat zij voornamelijk uit menschen met geringe middelen, want al de welgestelde lieden hier zijn den gevangenen vijandig. Het is wonderlijk, wat hier verricht is met karige middelen.

Mafeking, 9 April.

Ik kwam hier aan na een lange en bijzonder vervelende reis. Ik voelde mij verplicht hier te komen, daar ik gehoord had, dat bijna 800 vrouwen in dit kamp leefden, behalve degenen te Warrenton. Ik voelde mij ontstemd, want ik kon geen bijzonderheden te weten komen van de menschen hier, behalve, dat het kamp vier mijlen buiten