is toegevoegd aan uw favorieten.

Transvaal en de boeren

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Jammer, dat daarvan misbruik werd gemaakt.

Menigmaal gebeurde 't, dat mannen reeds terug waren voor hun verloftijd verstreken was. Vroeg men hen; waarom?, dan was 't antwoord: »Nee, oubroer, die is al te swaar bij die huis; der is nie manmenschen nie; èk hè al te danig banje weer verlang na die maats. Toe èk sie, et is alles nog reeli bij die huis en mè die vrouwen die kleingoedjes ok, toe hè ik sommer weer omgedraai."

De waarheid was dan evenwel vaak, dat hun vrouw hen had weggestuurd, want de Afrikaansche vrouw is nog onverzoenlijker tegen de vijand dan de Boer zelf.

Iedere avond gingen allen uit naar de wacht; slechts enkelen hieven bij de tenten achter. Gewapend met geweer en patronen en een «kombaars" (deken) over de rug, stapten we naar de »kop." We beklommen die echter niet, voordat 't donker werd. Zoolang bleven we aan de voet.

Daar kwamen allen bij elkaar. De veldprediker of een der oudste Boeren deed 'n gebed, las 'n hoofdstuk uit »die Boek" en zei soms 'n enkel woord. Daarna werd 't psalmgezang aangeheven. De lucht weergalmde 's avonds van 't Boerenlied.

TrelTend-schoon klonken Davids harpzangen uitdieforsche mannenkelen over de plechtig-stille velden. Diep voelde men dan een oogenblik de ernst der omstandigheden , waarin men verkeerde. En men schepte nieuwe moed voor de avond en voor de nacht.

Na de avonddienst werd de pijp aangestoken en zaten we nog wat met elkaar te gesels. Vaak kwam dan de vroolijke aard der Boeren weer boven. Allerlei grappige en kluchtige »stories" werden opgedischt en menige gulle lach werd gehoord.

Anderen staken de hoofden bij elkaar om wat »nuws" te vertellen over gevormde plannen, mogelijke overgave van de vijand, 't eind van de oorlog enz.

Allen waren 't daarover eens, dat »ons sel al te danig blij wees, as ons weer huistoe ken gaan; die oorlog is daarom al te swaar."